“Nederland heeft de slechtste waterkwaliteit binnen Europa als we kijken naar de Kaderrichtlijn Water 2027,” zei Pieter Groenewege van de Dordtse Partij voor de Dieren in het afgelopen lijsttrekkersdebat. Een claim waarbij mensen op hun hoofd kunnen krabben: klopt dit daadwerkelijk?
Uit recente onderzoeksrapporten van Wageningen University & Research en het Europees Milieuagentschap blijkt dat de Nederlandse waterkwaliteit niet voldoet aan de Europese normen. Nederland staat onderaan de lijst van de 27 EU-lidstaten als het gaat om wateren die voldoen aan de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Hoewel de kwaliteit van het zwemwater over het algemeen redelijk goed is, staan drinkwaterbronnen onder druk. Ook de ecologische en chemische toestand van het oppervlaktewater blijft ver achter bij de gestelde normen. Nu de deadline van 2027 nadert, wordt de situatie voor zowel de natuur als onze drinkwatervoorziening steeds kritieker.

Hoe wordt waterkwaliteit bepaald?
Wat we eerst moeten weten, is dat de waterkwaliteit wordt bepaald door de aanwezigheid van nutriënten. Denk hierbij aan stikstof en fosfor. Deze nutriënten zorgen voor een explosieve groei van algen en planten, die zuurstof en licht uit het water roven. Daarnaast spelen ook chemische stoffen een rol, de zogenaamde ‘forever chemicals’, ook PFAS genoemd. Dit zijn zware metalen zoals kwik en bestrijdingsmiddelen die boeren gebruiken voor hun landbouw.
Een waterlichaam krijgt pas de beoordeling ‘goed’ als alle biologische en chemische stoffen aan de norm voldoen. Nederland heeft slechts een procent van alle wateren dat als ‘goed’ is beoordeeld binnen de Europese normen. Ter vergelijking: Finland heeft 78 procent van het water de status ‘goed’.

De oorzaken
Het recente Koepelrapport tussenevaluatie KRW 2024 bevestigt dit beeld. Geen enkel van de 745 Nederlandse waterlichamen zit in een goede ecologische toestand. 97% van het oppervlaktewater voldoet niet aan de kwaliteitseisen als we kijken naar PFAS. Landbouw is de voornaamste boosdoener; daarnaast zijn ook industriële lozingen en verouderde lozingsvergunningen een probleem.
Het is belangrijk om het verschil tussen de KRW-kwaliteit en de kwaliteit van zwemwater te maken In de ranglijst voor zwemwater van uitstekende kwaliteit 2024 scoort Nederland met 72,5 procent onder het EU-gemiddelde van 85,4 procent. Landen als Polen en Albanië scoren op dit specifieke punt veel slechter.
Vooruitgang onderbelicht
Daarnaast is er nog een lichtpuntje. De helft van de Nederlandse waterlichamen voldoet inmiddels wel aan de afzonderlijke doelen voor stikstof en fosfaat, maar door de ‘forever chemicals’ is dit niet zichtbaar in de rapporten. Dit is volgens Piet Groenendijk, hoogleraar aan Wageningen University.
Conclusie
De conclusie is dat als we kijken naar de eisen van de Kaderrichtlijn Water 2027, de bewering juist is. Nederland staat onderaan de Europese ranglijst, met slechts 1 procent van de wateren in een goede toestand. De verwachtingen voor 2027 laten zien dat Nederland de doelen voorlopig niet gaat halen. Alleen op het specifieke gebied van zwemwater scoort Nederland nog net niet het gemiddelde en daar had Pieter Groenewege het niet over.






