In Nederland is al jaren een structureel tekort aan donoren met een niet-westerse achtergrond. Dit tekort zorgt ervoor dat patiënten uit deze groep minder vaak iemand vinden met vergelijkbare genetische kenmerken, terwijl die overeenkomsten essentieel zijn voor een goede match. Volgens de organisaties achter de campagne ‘Donor van Ons’: de Nederlandse Transplantatie Stichting, Sanquin Bloedvoorziening en stichting Matchis zijn exacte cijfers van het tekort niet bekend. Echter laten diverse wetenschappelijke onderzoeken en peilingen door de jaren heen een duidelijk beeld zien: er is een grote ondervertegenwoordiging van mensen met een niet-westerse achtergrond in de donorbestanden en patiënten uit deze groep moeten langer wachten op een match. Dit probleem werkt direct door in hun behandeling, herstel en overlevingskansen.
Structureel tekort aan diverse donoren
Een goede match tussen donor en patiënt hangt sterk samen met genetische overeenkomsten. Juist die kunnen variëren per afkomst. Volgens ‘Donor van Ons’ komt dat doordat bepaalde genetische varianten, zoals HLA-typen en specifieke bloedgroepantigenen, binnen sommige populaties veel vaker voorkomen dan binnen andere. Wanneer een patiënt een donor krijgt die genetisch minder goed aansluit kan dit leiden tot een (grotere) kans op complicaties en grotere noodzaak tot extra medicatie dat vervolgtransplantatie complexer maakt. “Het is belangrijk om een groter en diverser donoraanbod te hebben om gezondheidsverschillen en kansenongelijkheid te verkleinen.”
Gevolgen voor patiënten
Het tekort aan passende donoren heeft duidelijke gevolgen voor patiënten die afhankelijk zijn van een match met vergelijkbare genetische kenmerken. In de praktijk betekent dit dat behandelingen voor mensen met een niet-westerse achtergrond vaker worden uitgesteld, omdat een geschikte donor op het moment moeilijk te vinden is. Een minder goede match kan leiden tot extra medicatie en een grotere kans op compilaties. De organisaties achter ‘Donor van Ons’ zegt dat hierdoor een vorm van kansenongelijkheid ontstaat. “We zien dat het gebrek aan diverse donoren direct leidt tot verschillen in behandeluitkomsten.”
De verwachting is dat het tekort aan diverse donoren de komende jaren alleen maar groter wordt. Het CBS rekent erop dat rond 2050 bijna 40 procent van de Nederlanders een migratieachtergrond heeft, waarvan een groot deel niet-westers. De bevolking verandert snel, terwijl het aantal donoren achterblijft. Op deze manier wordt het steeds lastiger voor patiënten met een niet-westerse achtergrond een match te vinden. Als het donorbestand niet meegroeit, blijft de kloof tussen vraag en aanbod toenemen.
Donor van Ons
De campagne ‘Donor van Ons’ is opgezet om het donorbestand diverser te maken en zo de kansenongelijkheid in de zorg te verkleinen. Het is een samenwerking tussen de Nederlandse Transplantatie Stichting, stichting Sanquin en stichting Matchis. De organisaties richten zich vooral op mensen met een niet-westerse achtergrond. Met voorlichting, persoonlijke verhalen en samenwerking met gemeenschappen probeert de campagne duidelijk te maken waarom afkomst een rol speelt bij donatie. Het doel is om drempels weg te nemen, misverstanden te verminderen en meer mensen te bereiken die zich nog nooit aangesproken hebben gevoeld door eerdere donorcampagnes.
Het tekort aan donoren met een niet-westerse achtergrond is geen nieuw probleem, maar de gevolgen worden steeds zichtbaarder. Terwijl Nederland verandert, blijft het donorbestand achter. Voor patiënten die wachten op een match maakt dat een groot verschil. De campagne Donor van Ons laat zien dat één extra aanmelding soms al genoeg kan zijn. Het gaat om gelijke kansen op zorg en die zouden niet afhankelijk mogen zijn van afkomst.






