Wie op 28 februari kort na zonsondergang naar buiten kijkt, kan een bijzonder rijtje planeten aan de hemel zien. Het gaat om Jupiter, Uranus, Saturnus, Neptunus, Venus en Mercurius.
Volgens Urijan Poerink van Sterrenwacht Halley is het belangrijk om te begrijpen dat ze niet in een rechte lijn staan. “De planeten staan langs de ecliptica, de baan die de zon, maan en planeten aan de hemel volgen. Vanaf de horizon in het westen zie je ze in een gekromde lijn staan.”
Hoewel het verschijnsel bijzonder klinkt, is het volgens Poerink geen unieke gebeurtenis. “Het is niet super zeldzaam.” Vorig jaar was er ook een rijtje planeten zichtbaar. Sterrenkundig is er niets speciaals aan — het is vooral leuk om te weten en om ze een keer allemaal tegelijk te zien.”
Wat is echt te zien?
Niet alle zes planeten zijn even makkelijk waar te nemen. Venus, Jupiter en Saturnus zijn volgens Poerink goed met het blote oog te zien. “Die springen er echt uit.” Mercurius is lastiger: die staat laag aan de westelijke horizon en verdwijnt snel in de schemering.
Voor Uranus en Neptunus is een verrekijker of telescoop nodig. “Je moet echt weten waar je moet kijken,” zegt Poerink. Wie alles goed wil zien, kan volgens hem het beste een sterrenwacht bezoeken tijdens een publieksavond.
Kortom: wie op 28 februari naar de hemel kijkt, ziet geen strak uitgelijnde kosmische parade, maar wel een bijzonder rijtje planeten langs dezelfde baan. En dat blijft, ook zonder wetenschappelijke sensatie, een mooi gezicht.






