Inloggen bij de Belastingdienst, je zorg regelen of je verhuizing doorgeven; bijna elke Nederlander gebruikt DigiD. De mogelijke overname van IT-bedrijf Solvinity door het Amerikaanse bedrijf Kyndryl leidt tot politieke vragen over wat dit betekent voor de bescherming van Nederlandse persoonsgegevens. Zo zegt Privacy expert Ivo Jansch “Het gaat niet om paniek, maar om bewustwording.”
Solvinity beheert de technische infrastructuur waarop DigiD draait. Het bedrijf is verantwoordelijk voor de servers en systemen die nodig zijn om in te loggen bij overheidsdiensten zoals de Belastingdienst, gemeenten en zorginstanties. Bij een overname valt Solvinity onder Amerikaanse wetgeving, waaronder de Cloud Act. Die wet kan Amerikaanse bedrijven verplichten om data te verstrekken aan autoriteiten.
Volgens Jansch betekent dat niet dat Nederlandse gegevens zomaar worden ingezien. “Er zijn veel juridische en technische waarborgen. Maar het laat wel zien dat je als land afhankelijk bent van buitenlandse regels.”
DigiD registreert wanneer en bij welke instantie iemand inlogt. Het gaat om technische gegevens, niet om de inhoud van dossiers. “Dat zijn metadata”, legt Jansch uit. “Op zichzelf onschuldig, maar wel relevant als je nadenkt over hoe zulke systemen zijn ingericht.”
In de Tweede Kamer draait de discussie daarom vooral om digitale soevereiniteit: in hoeverre wil Nederland zelf controle houden over zijn digitale infrastructuur? Kamerleden vragen zich af of het wenselijk is dat een buitenlandse partij betrokken is bij een systeem dat door vrijwel alle Nederlanders wordt gebruikt.
Tegelijkertijd benadrukt Jansch dat burgers zich geen zorgen hoeven te maken over hun dagelijkse gebruik van DigiD. “Er is geen sprake van directe risico’s voor gebruikers. Het gaat vooral om een principiële vraag: waar leg je als samenleving je digitale fundament neer?”
Volgens hem is de overname dan ook vooral een aanleiding voor een breder debat over de toekomst van overheids-ICT. “Niet vanuit angst, maar vanuit de vraag hoe je dit op lange termijn goed en onafhankelijk organiseert.”






