Van gekleurde ledverlichting tot lichtprojecties op gebouwen. Elk lichtje vertelt een ander verhaal en brengt nieuwe inzichten met zich mee. Twintig kunstenaars hebben gisteravond om 20:00 uur hun kunstwerk laten zien tijdens de opening van de 14e editie van het Amsterdam Light Festival (ALF). Elk lichtfestival pakt het groots aan, maar hoe groter, hoe meer stroom- en energieverbruik én milieuvervuiling er kan zijn. Dus hoe duurzaam zijn lichtshows nou eigenlijk en hoe groot is de impact? Welke stappen nemen het ALF en vergelijkbare festivals, zoals bijvoorbeeld GLOW in Eindhoven, om hun lichtkunst groener te maken?
Het ALF benadrukt dat ze al jaren bewuste keuzes maken om de ecologische impact te beperken. Zo worden de kunstwerken vrijwel standaard uitgerust met ledverlichting, dat aanzienlijk minder energie verbruikt dan traditionele gloeilampen. Ook de rondvaarten die bezoekers langs de kunstwerken maken, worden inmiddels grotendeels verzorgd door boten met elektrische aandrijving. Toch blijft de energievraag rond grote lichtshows onderwerp van discussie, zeker nu de druk op het stroomnet in Nederland toeneemt.
Volgens Sjoerd van Gerwen, directeur van Team Infra, is de impact op het stroomnet beperkt, al ziet hij nog duidelijke kansen om de voetafdruk van het festival verder te verkleinen. Sjoerd vertelt dat lichtfestivals energieverbruik kunnen verduurzamen en verminderen door de kunstroute te maken op plekken waar pas spanning aanwezig is, zodat je geen dieseluitstoot hebt in de binnenstad.
Daarnaast kan je stappen nemen in de goede richting door lid te worden van verschillende organisaties die zich bezighouden met ‘duurzaam verlichten’. Het ALF ondertekende in 2022 het ILO Sustainable Manifesto. Dit manifesto is opgesteld door de internationale branchevereniging International Lightfestival Organisation (ILO). Door lid te worden van deze branchevereniging commiteer je je als festival aan het verduurzamen van de werkzaamheden en streef je naar een minimale footprint. Het ALF is niet de enige, ook lichtfestival LUNA in Leeuwarden behoort tot de vereniging en helpt zo mee aan groener licht.
Jessica Grootenboer, woordvoerder van Enexis, zegt dat het daadwerkelijke stroomverbruik van het festival reuze meevalt. Ze merkt dat veel mensen de impact overschatten: “Als de bezoekers thuisblijven verbruiken ze veel meer stroom dan dat het lichtfestival zelf gebruikt,” zegt ze. Volgens Jessica draagt het evenement zoals bijvoorbeeld GLOW zelfs indirect bij aan minder energieverbruik: “Het kost 120 keer meer stroom als je het lichtfestival niet organiseert.” Ze benadrukt dat de energie die wél wordt gebruikt zoveel mogelijk duurzaam is opgewekt. “Er wordt natuurlijk wel stroom verbruikt, maar dat wordt ook allemaal heel duurzaam gedaan. En nee, het gaat niet om enorme grote hoeveelheden stroom.”
Lichtkunstexpert Marcel Bruinshoofd ziet daarnaast diverse kansen om festivals nog een stap verder te brengen in hun verduurzaming. Een van de mogelijkheden ligt volgens hem bij het gebruik van alternatieve energieopslag. “Wat ik erbij kan bedenken is dat je kunstwerk gaat voorzien van batterijen, en dat je die batterijen gaat opladen op momenten dat de energievraag heel laag is. Je kunt ook bezoekers vragen te participeren om actief energie te gaan genereren.” Dat laatste kan bijvoorbeeld in de vorm van installaties die reageren op beweging of interactie. Zo bespaar je én werk je mee aan een duurzamer lichtfeest.
Lichtfestivals worden zich dus steeds bewuster van hoe belangrijk het is om groener licht te gebruiken. Festivals zoals het ALF belasten niet de energie van de stad volgens Sjoerd, “zulke lichtfestivals hebben geen invloed op de energie van de stad. Ze gebruiken gewoon niet zoveel energie en het is vaak energie die toch al beschikbaar is.” Al met al kunnen we zeggen dat we samen kunnen genieten van deze feesten zonder dat we de footprint vergroten. En zo bewijst elk sprankelend kunstwerk dat duurzaam licht gebruikt, niet alleen de steden verlicht, maar ook onze blik op wat mogelijk is om te verbeteren.



