In het provinciehuis Noord-Brabant is vanaf vandaag het ruim 20 meter lange dinoskelet, Aurora, te bezichtigen. Het skelet is van het Oertijdmuseum. Volgens hen is er zo’n 30.000 uur werk in het skelet gestoken. Maarten de Rijke vertelt meer over hoe al deze uren eruitzien: “Het wordt wel een beetje je kindje.”
Het skelet is in eerste instantie opgegraven door de Zwitsers in Wyoming, Amerika. Hier was alleen geen ruimte voor het skelet, waarna het Oertijdmuseum het uiteindelijk gekocht heeft. “We zijn er met een groep van 40 à 50 man anderhalf jaar lang mee bezig geweest,” zegt Maarten de Rijke, een van de onderzoekers. Nadat het skelet binnengekomen is, is het team begonnen met het schoonmaken van de botten. Daarna is er voor elk bot een frame gemaakt van metaal. “Elk werveltje en vingerkootje krijgt zijn eigen beugeltje. Hiermee kan het skelet in elkaar gezet worden en dat is allemaal handwerk.” Van alle botten wordt één voor één uitgezocht waar en hoe het zat, aan de hand van een opgravingskaart.
Een band met het dier
Het skelet heeft de naam Aurora gekregen. “Elke dino die gevonden wordt krijgt een koosnaampje. Dit omdat het leuk is en je krijgt ook echt een band met dat beest.” Dit skelet kreeg de naam Aurora omdat er, waar het werd opgegraven, erg veel kleine mugjes zaten overdag. Hierdoor konden de onderzoekers alleen ’s ochtends heel vroeg aan het werk, tijdens de zonsopgang, in het Latijn Aurora. Over de naam zegt Maarten nog: “Het is ook gewoon makkelijker om te zeggen ‘ik ga even aan Aurora werken’ dan om te moeten zeggen ‘ik ga even aan specimen nummer 054’.”
Het skelet is te zien in het provinciehuis Noord-Brabant tot en met 9 november en zal daarna terugkeren naar het museum, waar het in de hal naast zijn broertje zal komen te staan.






