Verslaafd op doktersrecept

Wie geopereerd wordt, krijgt vaak pijnstillers mee om de pijn wat draaglijker te maken. Maar wat bedoeld is als hulp resulteert steeds vaker in een verslaving: “Ze hebben mij gewoon veel te veel gegeven met de boodschap: hier gebruik hoeveel je nodig hebt”.

Na een teenoperatie kreeg de vijftienjarige Noa, die anoniem wil blijven, een doos met honderd Tramadol-pillen mee. Het advies was dat de medicijnen binnen twee weken afgebouwd zouden worden, maar dat lukte bij Noa niet. Een aantal weken later kon ze niet meer zonder. Noa was niet de enige. Jaarlijks raken duizenden Nederlanders verslaafd aan zware opioïden die ooit bedoeld waren voor kort gebruik. Een deel van die verslaafde Nederlanders bestaat uit jongeren tussen de vijftien en vijfentwintig jaar, een leeftijdsgroep die gevoeliger is voor het ontwikkelen van een verslaving. In hoeverre vergroot het voorschrijven van te veel sterke pijnstillers aan minderjarigen het risico op verslaving? 

Zes dozen pillen mee naar huis

“Ik ben in het begin wel afhankelijk geweest, ” vertelt de nu 23-jarige Lisa de la Fosse, “anders kon ik de dag niet doorkomen.” Toen Lisa negentien was, kreeg ze last van zenuwpijn in haar rug. Hier krijgt ze tot op heden medicatie voor: “Ik krijg een mix van Paracetamol en Tramadol.” Elke keer dat ze een herhaalrecept aanvraagt, krijgt ze 60 pillen mee. “Ik neem vier pillen per dag, dus daar doe ik maar vijftien dagen mee.” “De afgelopen zes dagen heb ik 27 pillen geslikt,” aldus Lisa. 

Ook Isabel (20), die anoniem wil blijven, kreeg veel pijnstillers mee van de dokter: “Ik had chlamydia van mijn ex, wat zich bij mij uitte in extreme pijn.” De dokter gaf haar op 15-jarige leeftijd Oxycodon mee. “Volgens mij heb ik iets van zes doosjes vol gekregen,” vertelt Isabel. “Ik weet niet meer hoeveel er in elk doosje zat, maar ik had echt een voorraad.” “Ik snap niet hoe ze een vijftienjarig meisje zo’n grote voorraad meegeven,” zegt Isabel. “Zodra ik ze niet meer nodig had, mocht ik ermee stoppen.” Toen Isabel eindelijk geen pijn meer had, had ze nog een ontzettend grote hoeveelheid pillen over. “Ik heb in het begin echt geprobeerd om het te laten liggen, maar op een gegeven moment kon ik er niet meer van slapen,” aldus Isabel. “Als ik in bed ging liggen en mijn ogen sloot, leek het alsof mijn brein op hol sloeg. Het was net alsof er voortdurend flitsen van angstaanjagende beelden razendsnel achter elkaar voorbij schoten.”Dan pakte ik nog een pil in de hoop dat ik wel in slaap kwam,” vertelt Isabel. “Vanuit daar is het eigenlijk over gegaan naar recreatief gebruik.” 

Hoewel Lisa’s verslaving nu niet meer zo ingrijpend is als vroeger, heeft ze er lange tijd veel last van gehad. “Het heeft echt minimaal een jaar geduurd voordat ik kon minderen”, vertelt ze. Tegenwoordig gebruikt Lisa de pillen af en toe nog: “Ik ben meerdere keren gestopt, soms zelfs voor een paar maanden,” vertelt Lisa. “Het gaat met periodes.”

Gebruik van opiaten stijgt onder jongeren

Volgens cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK), die het geneesmiddelengebruik in Nederland analyseert, is het gebruik van opiaten onder jongeren van vijftien tot en met vijfentwintig jaar de afgelopen jaren duidelijk toegenomen. 

In 2020 kregen naar schatting 44.000 jongeren een opiaat voorgeschreven. In 2024 waren dat er al 56.900. 

 Aantal jonge gebruikers
Jaartal20202021202220232024
 44.00047.60054.20055.50056.900
Bron: Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK)

Hoewel het aantal verstrekkingen per persoon iets is afgenomen, stijgt het aantal jongeren dat in eerste instantie een opiaat voorgeschreven krijgt sinds het einde van de coronaperiode opnieuw. Een mogelijke verklaring is dat opiaten vaker worden ingezet om ziekenhuisontslag te versnellen. Volgens experts betekent dit echter niet automatisch dat het gebruik onder jongeren in dezelfde mate is toegenomen als de medische verstrekking doet vermoeden.

Uit nadere cijfers van de SFK blijkt dat het aantal eerste terhandstellingen (de eerste keer dat iemand een recept krijgt voorgeschreven) de afgelopen tien jaar sterk is gestegen: van 45.900 in 2014 naar 65.300 in 2024. Het aantal vervolgterhandstellingen (herhaalrecepten), daalde daarentegen licht in dezelfde periode.  

   Aantal verstrekkingen opiaten aan jongeren
Jaartal:Eerste terhandstelling:Tweede terhandstelling:Totaal:
201445.90034.00079.900
201956.00041.90097.900
202155.70042.00097.700
202465.30036.400101.700
Bron: Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK)

Kanttekening SFK: Tijdens corona waren er waarschijnlijk minder operaties, daardoor zijn er waarschijnlijk ook minder opioïden voorgeschreven.

Herhaalrecepten zonder controle

Elk jaar worden er dus in Nederland grote hoeveelheden opiaten aan jongeren voorgeschreven. Deze medicijnen worden soms te gemakkelijk, te snel en in te grote hoeveelheden verstrekt. Jongeren als Noa, Lisa en Isabel kregen hiermee te maken. Henriëtte van der Heijden is al meer dan 25 jaar werkzaam als doktersassistente. Zij ziet dit regelmatig terug in haar dagelijkse werk. Medicijnen worden doorgaans voorgeschreven tijdens het spreekuur door de huisarts, of door een specialist in het ziekenhuis, bijvoorbeeld na een operatie. De eerste verstrekking bevat meestal vijftien pillen: ‘‘Eigenlijk geef je altijd eerst vijftien pillen mee, omdat de apotheek niet meer mee geeft en je wil weten hoe de patiënt op de medicijnen reageert’’, vertelt Henriëtte. 

Maar als een patiënt meer medicijnen aanvraagt, kunnen deze aantallen snel oplopen: “Als ik zie dat een patiënt al vijftien pillen heeft ontvangen, dan weet ik dat de patiënt het voor de tweede keer aanvraagt. Ik vraag het dan eerst aan de huisarts en als die zegt dat het goed is, dan krijg je als patiënt al gauw 30 of 60 nieuwe pillen mee. Dat zijn genoeg pillen voor twee maanden”, vertelt Henriëtte. Het herhalen van een recept wordt dus wel overlegd met een arts. De patiënt hoeft echter niet opnieuw langs te komen op het spreekuur: “Ze hoeven niet te komen, ze krijgen het gewoon weer’’, vertelt ze. De arts spreekt de patiënt niet persoonlijk en krijgt daardoor geen goed beeld van de ernst van de situatie. Er wordt niet stilgestaan bij de vraag of pijnstillers überhaupt nog nodig zijn. Volgens Henriëtte gaat het voorschrijven van een herhaalrecept te makkelijk: “Je krijgt het eigenlijk te snel mee. Als je het zo blijft doen, blijft het probleem zich herhalen”.

 “Dat heeft vooral te maken met het maatschappelijk idee dat je geen pijn hoeft te hebben”, vertelt Toosje Valkenburg, huisarts en opleider. “Het is heel erg in de voordelen benoemd, waardoor er een soort gemak is ontstaan in het vragen om een herhaalrecept van zulke pillen”. Ook Toosje vindt dat het aanvragen van een herhaalrecept veel te gemakkelijk gaat. “Herhaalrecepten zijn een soort lijsten die je gedurende je werkdag snel wegklikt naar de apotheek”, vertelt ze. “In een ideale wereld zouden wij er het beste aan doen, om bij elk herhalingsrecept van een opiaat te zeggen dat een herhaling altijd live moet.” Helaas blijkt dit in de praktijk onmogelijk te zijn: “Dat redden we niet, daar is de tijd en de capaciteit niet voor”, aldus Toosje.

Jong en vatbaar 

Iedereen kan een verslaving ontwikkelen, maar volgens het National Institute on Drug Abuse zijn jongeren gevoeliger voor het ontwikkelen van verslavingen. Dit omdat hun hersenen nog in ontwikkeling zijn. De hersengebieden die betrokken zijn bij zelfbeheersing en besluitvorming zijn pas rond het 25ste levensjaar volledig vergroeid. Tegelijkertijd reageert het beloningssysteem al sterk op prikkels, waardoor jongeren de positieve effecten van middelen sneller ervaren, terwijl hun impulscontrole nog beperkt is.

“Het klopt dat jongeren eerder vatbaar zijn voor het ontwikkelen van een verslaving”, vertelt Miranda Velthuis, programmacoördinator jeugdverslavingszorg bij Verslavingskunde Nederland. “De jeugd heeft natuurlijk de leeftijd waarin ze ontwikkelingstaken hebben te vervullen. Ze willen ontdekken wat er allemaal is, hoe dingen werken en wie ze zelf zijn”, zo vertelt Miranda. “Er is bij jongeren een interne drive vanuit die ontwikkeling om nieuwe dingen op te zoeken, nieuwe avonturen aan te gaan en grenzen te verleggen. “Dat is echt een opdracht voor een puber en dat valt precies tegelijk in een levensfase waarin de hersenen nog niet vergroeid zijn.” 

Het Trimbos-instituut, het Nederlands kennisinstituut dat zich richt op verslavingszorg en het gebruik van alcohol, tabak en drugs, benadrukt dat het puberbrein ook vooral gericht is op kortetermijnbeloningen. Jongeren overzien de gevolgen op de lange termijn vaak niet en zijn doorgaans dus impulsiever. Hierdoor kan middelengebruik op deze leeftijd sneller leiden tot verslaving.

Geen regels, slechts richtlijnen                                                                                                      

Hoewel jongeren gevoeliger zijn voor het ontwikkelen van een verslaving, is er in Nederland geen specifieke wet- of regelgeving rondom het voorschrijven van sterke pijnstillers. Ook in de medische richtlijnen wordt geen onderscheid gemaakt tussen verschillende leeftijdsgroepen. Het Nederlandse Huisartsen Genootschap (NHG), de wetenschappelijke vereniging voor en door huisartsen, bevestigt dat zij geen wettelijke regels hebben over het voorschrijven van opioïden. Het NHG verwijst hierbij naar zijn algemene richtlijnen waarin staat dat artsen moeten streven naar een zo kort mogelijk gebruik van pijnmedicatie met een duidelijk behandeldoel. “Het zijn geen wetten of voorschriften, maar richtlijnen die gebruikt moeten worden met het professionele oordeel van de huisarts,” aldus een woordvoerder van het NHG. Volgens de woordvoerder wordt slechts in uitzonderlijke, individuele gevallen van deze richtlijnen afgeweken.

Al jarenlang streeft de Rijksoverheid ernaar het onnodige gebruik van zware pijnstillers te voorkomen en terug te dringen. Hiervoor zijn verschillende maatregelen genomen, zoals het vergroten van kennis en bewustzijn bij patiënten en zorgverleners, en het bevorderen van wetenschappelijk onderzoek. Toch blijkt het gebruik van opiaten zoals Oxycodon, Tramadol, Morfine en Fentanyl nog steeds toe te nemen.

Volgens Marcel Bouvy, hoogleraar Farmaceutische Patiëntenzorg aan de Universiteit Utrecht, ligt het probleem niet bij de richtlijnen maar bij het herkennen van de risicogroepen: ”Ik denk dat de richtlijnen/regels niet perse anders hoeven te zijn, maar wellicht is het wel nuttig dat zorgverleners meer op hun netvlies krijgen dat jongeren, net als mensen met een verslavingsgeschiedenis of mensen met een depressie wat meer kans hebben om afhankelijk te worden van opioïden.”

Heroïne maakt plaats voor opiaten

Volgens het rapport Kerncijfers Verslavingszorg 2015–2024 van het Landelijk Alcohol- en Drugs Informatie Systeem (LADIS) werden in 2024 in totaal 7.951 mensen behandeld voor een daadwerkelijke verslaving aan opiaten. Van deze groep had ongeveer twee procent een leeftijd tussen de 18 en 25 jaar. Dit betekent dat er ongeveer 159 jongeren tussen de 18 en 25 jaar in 2024 behandeld zijn voor een verslaving aan opiaten. 

Bron: Landelijk Alcohol en Drugs Informatie Systeem (LADIS)

“De groep jongeren met een opiaatverslaving  is echt groeiend binnen de verslavingszorg”, aldus Miranda Velthuis, die ook werkzaam is bij Tactus Verslavingszorg. “Dat heeft ook vooral met de beschikbaarheid van deze middelen te maken. Ook het duurder worden van de alcohol in horecagelegenheden speelt hierin een rol”, vertelt Miranda. “Opiaten kopen is een veel goedkopere oplossing geworden”.

Aanpakken van afhankelijkheid

Katinka Damen is werkzaam bij Novadic-Kentron als manager van een programma voor mensen die verslaafd zijn aan pijnstillers. Daar zien ze steeds vaker mensen die vastlopen in het gebruik van opioïden:“De meeste mensen gebruiken dit soort middelen in eerste instantie om pijn te dempen,” vertelt Katinka. “Maar als je eraan gaat wennen, wil dat zeggen dat het middel steeds minder goed werkt. De pijn komt er dan eigenlijk doorheen”, legt ze uit. Volgens Katinka raken veel mensen daardoor sneller afhankelijk dan ze zelf doorhebben: “Dit speelt echt al na een aantal weken. Bij de een is dat wat sterker dan bij de ander, maar het gaat best snel.”

Ook Niki Lijftogt, die werkzaam is als verslavingsarts bij het  KNMG, ziet dat er vooral mensen binnenkomen die verslaafd zijn geraakt aan opiaten die ze op recept hebben gekregen: “Ik denk dat het merendeel van de patiënten in eerste instantie via een regulier medisch traject met opiaten in aanraking is gekomen, omdat zij pijnklachten hadden.”, vertelt ze.

Op de lange termijn past je brein zich aan. “Je ziet vaak dat je brein er steeds meer om gaat vragen,” vertelt Katinka. “Je krijgt dan echt verslaving neigingen, omdat dat beloningssysteem voortdurend door deze middelen wordt geprikkeld. Je eigen stofjes, die normaal zorgen voor rust, pijnvermindering en een goed gevoel, werken dan minder goed. Als je stopt, duurt het lang voordat dit natuurlijke evenwicht weer hersteld is.”

Het is een ingewikkelde en intensieve behandeling: “Wat we veel zien is dat mensen gewend zijn om zich beter te willen voelen. Hierdoor leren we bij Novadic-Kentron mensen aan in plaats van je beter voelen, om beter te leren voelen,” legt Katinka uit. Bij Jellinek, waar Niki ook werkzaam is,  wordt regelmatig gekozen voor een klinische detoxbehandeling. Dat betekent dat iemand wordt opgenomen in de kliniek en daar onder begeleiding het detoxproces van opiaten doorloopt. Volgens Niki kan dit ook een valkuil zijn doordat het binnen de kliniek heel anders is dan in het doorgaanse leven: ‘‘Het kan binnen de muren heel veilig, duidelijk en helder voelen. Je leert hoe je de verslaving de baas moet zijn en hoe je dat ook buiten de muren moet gaan doen. Maar om daadwerkelijk dat te gaan doen is dan weer een volgende stap en dat kan soms heel ingewikkeld en pittig zijn.’’ 

De samenwerking met andere zorgpartijen is volgens Katinka essentieel: “Wij zijn onderdeel van een netwerk waarin huisartsen, pijnartsen, fysiotherapeuten en revalidatieartsen samenwerken. “In de regio proberen we afspraken te maken om overmatig voorschrijven te beperken en leren we huisartsen wat zij kunnen doen als alternatief voor medicatie voorschrijven.’’ Jellinek staat ook in contact met huisartsen, ziekenhuizen en apotheken:  ‘‘Dat is misschien wel de belangrijkste van ons werk.’’

Hoewel er meer bewustwording is, blijft het probleem hardnekkig. “Er is sowieso meer aandacht voor. Maar je ziet dat het eigenlijk niet zo goed lukt om het gebruik terug te dringen,” aldus Katinka. 

“Niet perse een voorlichting”

De Geneesmiddelenwet regelt het veilige gebruik van geneesmiddelen. In de wet staat onder meer dat artsen en apothekers ernstige bijwerkingen van medicijnen moeten melden en dat het voorschrijven van medicijnen via internet aan speciale regels gebonden is. In de praktijk lijkt de voorlichting over de sterke pijnstillers vaak tegen te vallen, zo blijkt uit een recent vragenlijstonderzoek van het Instituut Verantwoord Medicijngebruik (IVM). Een aanzienlijk deel van de 400 respondenten gaf aan onvoldoende of geen voorlichting te hebben ontvangen over essentiële onderwerpen, waaronder het kortdurende gebruik van opioïden, het risico op verslaving en de wijze van afbouwen. Ongeveer een kwart kreeg hierover helemaal geen voorlichting. De ontevredenheid betrof dus vaak een gebrek aan uitleg, te grote hoeveelheden voorgeschreven medicijnen en onvoldoende begeleiding bij het afbouwen. Slechts een derde van de respondenten had vooraf afspraken gemaakt over de duur van het gebruik.

Ook Lisa en Isabel vinden dat ze onvoldoende zijn geïnformeerd en begeleid: “Ze hebben mij gewoon veel te veel gegeven met de boodschap: hier gebruik hoeveel je nodig hebt”, aldus Isabel. “Mijn huisarts heeft ook geen toezicht gehouden, want ik kreeg de pillen direct via het ziekenhuis.” Lisa kreeg niet meer dan een kleine waarschuwing van haar huisarts: “Ze zeiden dat je ermee op moet passen als je verslavingsgevoelig bent, maar ik kreeg niet per se voorlichting of zo.” vertelt Lisa. “Dat vind ik wel raar, zeker omdat het echt zo’n verslavend middel is.”  

Marcel Bouvy,  die ook wetenschapper is van stichting Tackling And Preventing The Opioid Epidemic (TAPTOE), denkt te weten waar dat aan ligt: “We zien dat artsen en apothekers het lastig vinden om direct aan het begin van de behandeling te zeggen dat middelen verslavend kunnen zijn. Ze zijn bang dat mensen ze dan niet meer willen gebruiken en onnodig pijn hebben.”

Volgens Bouvy is het daarom juist noodzakelijk om vanaf het begin het gesprek goed te voeren. Zorgverleners moeten uitleggen dat een middel verslavend kan zijn, maar dat patiënten daar niet bang voor hoeven te zijn zolang ze het middel kortdurend gebruiken en op tijd stoppen. “Vervolgens moeten zorgverleners ook voorkomen dat ze te lang herhaalrecepten blijven verstrekken. Hoe langer mensen gebruiken, hoe moeilijker het is om te stoppen,” benadrukt hij.

Miranda Velthuis vertelt dat ze binnen de verslavingszorg ook aandacht heeft voor de voorschrijvende disciplines: “We richten ons ook op huisartsen en psychiaters uit verschillende sectoren. Dit doen we om hun deskundigheid verder te bevorderen,” legt ze uit.

Veiliger gebruik van opiaten is noodzakelijk

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen ziet vooralsnog geen aanleiding om specifiek richting jongeren te communiceren. “Verslaving is niet honderd procent te voorkomen,” zegt een woordvoerder van de overheidsinstantie. Wel erkent het College dat er zorgen zijn over het gebruik van opioïden, met name over te lang gebruik en het risico op afhankelijkheid. Volgens het CBG blijkt dat uit verschillende publicaties en ervaringen uit de praktijk. Daarom wil het College, bij  nieuwe beschikbare veiligheidsinformatie, opnieuw beoordelen of de huidige maatregelen voldoende effectief zijn om misbruik te voorkomen.

“Daarnaast is het minstens zo belangrijk dat de praktijk, dus voorschrijvende artsen, ook maatregelen neemt,” aldus de woordvoerder. “Artsen kunnen bijvoorbeeld eigen handleidingen of richtlijnen opstellen voor het verantwoord gebruik van opioïden.”

Het CBG benadrukt dat bij iedere beoordeling het verslavingsrisico zorgvuldig wordt afgewogen tegen de voordelen van het middel. “Waar nodig worden aanvullende maatregelen overwogen om het risico kleiner te maken,” zegt de woordvoerder. Zo wil het College samen met artsen en andere zorgverleners bijdragen aan veiliger gebruik van opioïden en het aantal verslavingsgevallen verder terugdringen. 

Hoogleraar Marcel Bouvy is ook lid van het CBG. Hij benadrukt dat het doel ook zeker niet is om helemaal geen opioïden meer te gebruiken: “Het doel is om vooral te voorkomen dat mensen langdurig gebruiker worden, want er zijn gewoon nog te veel probleemgebruikers”, vertelt hij. De oplossing? Meer kennis van zorgverleners over de pijnklachten, hoe uitleg te geven aan patiënten en hoe het gesprek te voeren dat opioïden op lange termijn niet gaan helpen.

Volgens Miranda Velthuis ligt de verantwoordelijkheid ook nog ergens anders: “Alles wat we onder de noemer van preventie doen, staat echt onder druk omdat we erg moeten bezuinigen. We moeten ruimte houden om in te spelen op de markt van hier en nu, aldus Miranda. “De tijd vraagt dat je juist nu snel inspeelt op wat er nodig is voor de jongeren die nu opgroeien.”

Lees verder

Geselecteerd door de redactie

Write for rights: Tilburgers in actie voor mensenrechten

https://vimeo.com/1145279465?share=copy&fl=sv&fe=ci In Tilburg kwamen inwoners samen om op te komen voor mensenrechten tijdens Write for Rights, de jaarlijkse schrijfactie van Amnesty International. Met hun brieven...

Massale femicide protesten in Brazilië: “Mannen zien vrouwen als bezit”

Afgelopen zondag gingen tienduizenden vrouwen — en ook mannen — de straat op in steden als Rio de Janeiro en São Paulo. Ze protesteerden...

Pakketpunten in Tilburg voelen de impact van stijgende online aankopen

Aan het einde van het jaar piekt het aantal online bestellingen: black Friday, Sinterklaas en Kerst zijn de drukste momenten in de pakketwereld. Nederlanders...

Deel dit bericht