De 41-jarige Lidwina S. uit Nijmegen moet een jaar de gevangenis in voor de dodelijke aanrijding met de 14-jarige Esmee uit Sint Anthonis, vorig jaar december. De rechtbank in ’s-Hertogenbosch oordeelde dat maandagmiddag. Daarnaast kreeg S. een jaar voorwaardelijke gevangenisstraf en een rijontzegging van vijf jaar opgelegd, en wordt ze onder toezicht van de reclassering geplaatst.
De rechter oordeelde dat S. die bewuste donderdagochtend 19 december 2024 “zeer onvoorzichtig en zeer onoplettend” had gereden. Toen zij op een t-splitsing rechtsaf wilde slaan met de vuilniswagen waarin zij reed, schepte zij de 14-jarige Esmee die schuin voor haar stond te wachten om over te steken. S. reed daarna door en Esmee overleed op de plek van het ongeval aan haar verwondingen.
Langere tijd niet goed opgelet
Volgens de rechter was Esmee, op basis van camerabeelden, verklaringen van getuigen en de reconstructie, goed te zien met haar fiets. Uit onderzoek blijkt dat S. in de laatste 300 tot twintig meter vóór het kruispunt goed zicht op Esmee moet hebben gehad. Toen zij beide voor het kruispunt stilstonden, stond Esmee in de dode hoek van de vuilniswagen. Toen S. weer begon te rijden zou Esmee weer op de zijcamera’s in beeld zijn gekomen. Ook bestuurders van auto’s die achter de vuilniswagen reden zeggen haar duidelijk gezien te hebben. De rechter neemt het S. dan ook kwalijk dat zij “langere tijd niet goed heeft opgelet op het verkeer” en dat zij “zwaar langdurig heeft tekortgeschoten in haar rijgedrag”.
Hoge hoeveelheid amfetamine
Na de aanrijding is S. doorgereden, maar later die dag hielden agenten haar aan. Zo’n acht uur na het ongeval is er bloed bij haar afgenomen. Daaruit bleek dat zij meer amfetamine, een opwekkende harddrug, in haar bloed had dan wettelijk is toegestaan. Eerder gaf S. toe op de avond voor het ongeval een lijntje speed te hebben genomen, maar later verklaarde zij dat een collega de drugs in haar koffie zou hebben gedaan. De rechter nam het haar dan ook kwalijk dat zij geen verantwoordelijkheid neemt voor de te hoge hoeveelheid drugs in haar bloed ten tijde van het ongeval.
Kans op herhaling
In haar oordeel nam de rechtbank ook de kans op herhaling van soortgelijke ongevallen mee. Op het moment van de aanrijding zat S. nog in de proeftijd van een straf die ze in 2022 kreeg opgelegd, ook voor een verkeersongeval. Uit onderzoek van een psycholoog en psychiater bleek dat S. een “beperkt reflectief vermogen”, een “persoonlijkheidsstoornis” en “gevoeligheid voor stress en een aandachtsprobleem” heeft. Daarnaast had zij al een strafblad voor onder meer rijden onder invloed, rijden zonder geldig rijbewijs en meerdere geweldsdelicten. Dit werkt strafverzwarend.
Om de kans op herhaling te voorkomen zijn bepaalde voorwaarden voor S. opgelegd. Zo wordt zij onder toezicht van de reclassering geplaatst, moet ze een cognitieve training volgen en krijgt ze een algeheel verbod op alcohol en drugs. De proeftijd bedraagt vijf jaar, wat volgens de rechtbank langer is dan gebruikelijk in soortgelijke zaken.
Deels vrijgesproken
Het OM eiste twee weken geleden twee jaar gevangenisstraf, tbs met voorwaarden en een rijontzegging van vijf jaar. Hoewel S. is veroordeeld voor dood door schuld in het verkeer onder invloed van drugs, is zij wel vrijgesproken voor de tenlastelegging dat zij is weggereden van de plaats van het ongeval. De rechter achtte het onbewezen dat zij Esmee bewust niet heeft gezien onderweg naar en op het kruispunt. Ze wordt dan ook niet vervolgd voor iets wat ze niet heeft gezien.






