Into the Woods is geen doorsnee festival: het nestelt zich diep in het bos Birkhoven, pal naast Dierenpark Amersfoort. Twee dagen lang, op negentien en twintig september, deinen de boomtoppen op de beat, terwijl lichtinstallaties het bos betoveren. Magisch, zeker, maar hoe duurzaam is zo’n sprookje in het wild? En wat betekent die tijdelijke droomwereld voor de dieren die er het hele jaar wonen nu de opbouw van het festival is begonnen?
Feest in het bos, stress voor de dieren
“Een festival zoals Into the Woods kan uiteenlopende gevolgen hebben voor de natuur,” vertelt Leo Linnartz, ecoloog bij natuurorganisatie ARK Rewilding Nederland. Volgens hem zijn vooral de grote toestroom van bezoekers, het harde geluid en de felle verlichting factoren die de meeste impact hebben. “Vooral vogels en vleermuizen kunnen last hebben van alles wat het festival met zich meebrengt,” legt hij uit. “Maar ook andere dieren die in het bos leven kunnen er natuurlijk overlast van ervaren.”
Bij het opbouwen van het festival komt veel lawaai en het gebruik van machines kijken. Dat zorgt voor veel onrust in de natuur en bij de dieren in de omgeving. “Als je zo’n grote verstoring veroorzaakt in de natuur, moet je het wel kort houden,” zegt Leo Linnartz. “Want daarna kan de natuur zich herstellen. Dus geen maanden voorbereiding en geklus, dan veroorzaak je een grote verstoring die de natuur eigenlijk niet aankan.” Volgens hem mag de voorbereiding van zo’n evenement eigenlijk niet langer duren dan vijf tot zes dagen. “Zo minimaliseer je de impact op de natuur.”
Direct naast het festivalterrein ligt DierenPark Amersfoort. De dieren daar zijn natuurlijk gevoelig voor harde geluiden en felle lichten van het festival. Toch denkt ecoloog Leo Linnartz dat ze het lawaai van de opbouw goed aankunnen. “In de dierentuin rijden er voortdurend machines door het park en er zijn ook vaak verbouwingen bezig, dus daar zijn ze wel aan gewend,” legt hij uit.
Ook de grote hoeveelheid bezoekers vormt volgens hem geen probleem. “De dieren moeten dagelijks omgaan met veel mensen in het park zelf,” zegt Linnartz. Waar het wél lastig wordt, zijn de onverwachte lichtflitsen en harde geluiden tijdens het festival. “Dit zijn dingen die ze normaal niet meemaken, en daar kunnen ze dan ook best wel van schrikken.”
“Dierenwelzijn staat altijd voorop”
Volgens een woordvoerder van DierenPark Amersfoort ervaren de dieren de muziek van het festival, net zoals de bezoeker in het park en de wandelaar in het omliggende bos. Maar volgens haar ervaren de dieren er geen hinder van. Dat komt doordat de festivalmuziek geleidelijk opbouwt, waardoor de dieren langzaam gewend raken aan de onbekende geluiden. “Plotselinge, harde geluiden zoals knallen zouden eerder voor stress zorgen, maar die komen bij Into the Woods nauwelijks voor.” vertelt ze.
Ook het bos zelf dempt het geluid. “De bomen dempen het geluid grotendeels. Hierdoor is de muziek nauwelijks hoorbaar in het dierenpark.” Daarnaast hebben de dieren de mogelijkheid om hun binnenverblijf op te zoeken. “Dit is niet alleen tijdens deze festivaldagen, maar deze keuze hebben zij altijd.”
Het dierenpark houdt het gedrag van de dieren dagelijks in de gaten. Tijdens het festival gebeurt dat met extra aandacht. “Op deze festivaldagen doen we dit ook en lopen we een extra ronde om het gedrag te monitoren,” legt de woordvoerder uit. “Dit doen we ook op de dagen na het festival om eventuele verschillen in gedragingen te signaleren, Dierenwelzijn staat altijd voorop,” voegt ze daaraan toe. Tot nu toe is er volgens haar tijdens eerdere edities nooit iets raars opgemerkt bij de dieren.
Ook over de praktische zaken is er overleg met de organisatie van Into the Woods. “Dit gaat onder andere over de drukte op de Barchman Wuytierslaan, het geluid, maar bijvoorbeeld ook over de extra beveiliging die aanwezig is rondom het dierenpark tijdens het festival.
Oog voor de natuur
De organisatie van Into the Woods is zich bewust van de kwetsbare omgeving waarin het festival plaatsvindt, en handelt daar ook naar. “We zijn erg gehecht aan ons bos”, zegt de organisatie. Dat begint bij de basis: geen wegwerpbekers, maar harde herbruikbare exemplaren. Alle foodtrucks werken met biologisch afbreekbaar servies, en worden speciaal uitgekozen op hun duurzaamheidsbeleid. “We proberen zo veel mogelijk materiaal te hergebruiken.”
Ook bezoekers worden aangespoord om mee te denken. “De eerste bezoekers krijgen een gratis zak asbak* mee”, vertelt de organisatie. “En door het hele bos staan er asbakken, zodat peuken niet in de natuur belanden.” Zo probeert de organisatie ook bewustzijn te creëren bij de bezoekers van het festival.
Achter de schermen kijkt een speciaal team hoe het festival nog duurzamer kan. Ze krijgen daarbij hulp van een externe expert waarmee de organisatie kan sparren. “We blijven zoeken naar verbeterpunten”, zegt de organisatie.
*Een zak asbak is een klein zakje wat je kan gebruiken als asbak die je gemakkelijk kan meenemen over het hele festivalterrein.






