De gemoederen liepen hoog op tijdens het debat over de wolf in de Tweede Kamer dinsdagavond. Het dier zorgt voor overlast en daarom zoekt het kabinet naar een oplossing. Sommige partijen willen de wolf steriliseren of castreren, anderen kiezen voor het dier met rust te laten. Toch ziet de coalitie een andere mogelijkheid: de wolf moet afgeschoten worden.
De partijen onderling hebben het gehad over wanneer het afschieten veroorloofd is. BBB-leider Caroline van der Plas, die het debat heeft aangevraagd, vindt deze actieve verjaging mogelijk, als het goed onderbouwd kan worden. “Het is soms gewoon een oorlogsgebied op het platteland”, aldus Van der Plas.
Dion Graus (PVV) stelde voor om de wolven te steriliseren of te castreren. Hierdoor komt er geen nageslacht meer. Graus vermeldt daarnaast dat hij niets moet hebben van zogenaamde ‘wolvenhaters’. De PVV’er vertelt woedend: “Iedereen die de wolf najaagt, moet gewoon de bak in gaan en wat mij betreft op water en brood worden gezet.”
Toch hebben Van der Plas en Graus samen een motie ingediend aan het eind van het debat: onderzoeken of wolven minder schuw worden, als ze achtergelaten kadavers opeten. Hierdoor zouden de dieren minder schuw moeten worden, waardoor ze volgens de twee politici afstand zullen nemen van mensen.
Links vindt juist dat de wolf in Nederland kan en mag leven. “Laat je niet onnodig bang maken”, zegt Groenlinks-PvdA’er Laura Bromet. Ook de Partij voor de Dieren kiest voor manieren om met de wolf te leven. Ines Kostić (PvdD): “We willen ervoor zorgen dat de kansen voor samenleven met wolven en mensen benut worden.”