Home Blog Pagina 3

Minderjarigen bestellen moeiteloos alcohol online, nieuwe wet moet lek dichten

0

Bijna de helft van de online alcoholverkopers overtreedt de regels, blijkt uit inspecties van de NVWA. Minderjarigen krijgen hun bestelling vaak zonder serieuze leeftijdscontrole mee. Staatssecretaris Judith Tielen komt daarom met strengere regels voor verkopers en bezorgdiensten.

In de tijd van kabinet Schoof dronk Nederland naar schatting zo’n vijf miljard biertjes. Dat kabinet koos vooral voor rust rond de bierprijs: geen extra accijns, weinig nieuwe regels en alcoholbeleid bleef grotendeels bij preventie en handhaving.

Tegelijkertijd werd alcohol steeds beter betaalbaar. Alcoholische dranken zijn sinds 2014 wel duurder geworden, maar inkomens stegen in diezelfde periode veel harder. Daardoor is alcohol relatief goedkoper geworden. Zoals econoom Tim van der Valk in ESB schrijft:

“De prijzen van alcoholhoudende dranken zijn de afgelopen jaren achtergebleven bij de inkomens. Alcohol is daardoor steeds betaalbaarder geworden.”

Juist dat maakt alcohol een politiek onderwerp. Want als alcohol goedkoper en toegankelijker wordt, stijgt de kans op overmatig gebruik – vooral onder jongeren en studenten. En precies daar legt Kabinet-Jetten nu meer nadruk op: niet zozeer de prijs van je biertje, maar op regels, gezondheid en gedrag.

Jongeren(12-17) omzeilen leeftijdscontroles

De minderjarigen die online alcohol kopen doen dit voornamelijk bij supermarkten (45%) en slijterijen (36%) en in mindere mate bij flitsbezorgers (16%) en bierkoeriers (12%). Dit blijkt uit het vierde onderzoek door Breuer&Intraval over het online kopen van alcohol door jongeren.

“We bestelden het op een website genaamd het Maanlicht daar kon je alcohol en sigaretten bestellen. Dan kwamen ze het voor de deur afgeven. Meestal werd er niet naar ID gevraagd.” Anonieme bron

Tussen Juli 2024 en juli 2025 heeft de NVWA in totaal 878 inspecties uitgevoerd. Uit dit onderzoek blijkt dat de naleving van de online verkoop onvoldoende is. De NVWA stelde in 47% van de gevallen overtredingen vast. De leeftijd werd niet of slecht geverifieerd of de verkeerde werkwijze van aflevering en leeftijdscontrole werd toegepast.

“Ik weet dat we destijds één iemand van ons naar voren lieten gaan die er het oudste uitzag van ons. Die had sowieso een nep-ID van zijn broer bij zich maar die broer zag er nog veel ouder uit dus dat leek helemaal niet realistisch”.  Aldus de anonieme bron.

Van de jongeren die hun bestelling zelf aannamen, zegt 36% dat de bezorger niet heeft gevraagd naar hun leeftijd of om een identiteitsbewijs. In de overige gevallen was er wel sprake van controle: 39% werd gevraagd een ID te tonen, 22% moest alleen de leeftijd doorgeven en 10% werd zowel naar leeftijd als naar een identiteitsbewijs gevraagd.

Wanneer jongeren hun eigen leeftijd noemden of hun eigen ID lieten zien, ontvingen zij in bijna alle gevallen de volledige bestelling. Dit gold ook voor minderjarigen: ook zij kregen de alcohol zonder verdere belemmering mee.

Nieuwe alcoholwet: strengere regels voor verkoop en bezorging.

Zo heeft Judith Tielen, staatssecretaris van Jeugd, Preventie en Sport het parlement een wetsvoorstel ingediend tot wijziging van alcoholwet. De nadruk ligt niet op de prijs van alcohol, maar op strengere regels rond verkoop en handhaving, vooral online. De leeftijd van kopers moet voortaan bij bezorging worden gecontroleerd, tenzij iemand duidelijk ouder is dan 18. Niet alleen verkopers, maar ook bezorgdiensten kunnen hiervoor een boete krijgen.

In een volgende fase wil het kabinet ook kijken naar buitenlandse webshops die alcohol verkopen aan Nederlandse consumenten. Daarbij wordt onderzocht hoe online leeftijdscontrole verder kan worden aangescherpt, bijvoorbeeld met digitale identiteitsmiddelen, in lijn met Europese ontwikkelingen.

De naam van de anonieme bron is bij de redactie bekend.

Contant geld in je noodpakket: wanneer heb je het nodig?

Meer dan de helft van de Nederlanders heeft genoeg geld in huis liggen in geval van een noodsituatie. De rest heeft minder dan het adviesbedrag in huis of zelfs niets. Dat bedraagt 70 euro per volwassene en 30 euro per kind. Dat meldt De Nederlandsche Bank (DNB) na onderzoek onder ruim 1700 consumenten. Maar wat moet je dan met dat contante geld in je noodpakket? 

Noodpakket

De Nederlandse overheid roept op om noodpakketten in huis te halen. In dat noodpakket moeten onder andere flessen water, houdbaar voedsel, een radio en een EHBO-doos zitten. Maar als je alles hebt voorbereid zoals wordt aangespoord, wat moeten we dan met dat contante geld? 

Contant geld als extra verzekering

“In dit geval moeten we niet denken aan een grootschalige noodsituatie, maar echt de situatie wanneer het pinverkeer weg zou vallen”, vertelt Jasper Berkhout, onderzoeker persoonlijke financiën bij Raisin Nederland. “Bij contant geld weet je altijd wat de waarde ervan is, dat kan niet weg, dat kan niet veranderen”, vertelt hij verder. “Bij rekeningen heb je nog veel stappen te ondergaan tot je kan zien wat je op je naam hebt staan. Opvragen bij de bank hoeveel je op je rekening hebt staan is dan al niet meer nodig omdat je het gewoon kan zien. Dat is de absolute meerwaarde van contant geld.” 

Jeroen Klaassen is woordvoerder en oprichter van prepshop.nl. “Ik denk dat het sowieso goed is om altijd contant geld bij je te hebben, omdat het zomaar moet gebeuren dat je ergens niet met je pinpas kan betalen.” Volgens hem dient het contante geld in je noodpakket als extra verzekering. “Het contante geld is voor als het tegen zit. Als je toch meer nodig hebt dan wat je al hebt zitten in je noodpakket, dan is het verstandig om een beetje cash geld te hebben.“

Maar waar komt die 70 euro per persoon dan vandaan?

De overheid baseert dit bedrag op een plan dat ze mensen binnen drie dagen te hulp kunnen schieten. “Ik denk wel dat dat niet in alle gevallen kan, dus zou ik eerder op een week aan zelfvoorziening mikken”, vertelt Klaassen. 

Volgens Wibo Lageveen, mede-oprichter van Allprepare B.V is 70 euro echt voor absolute nood wanneer het pinverkeer zou wegvallen. “Het kan zijn dat het stroomnet er een dag uit ligt, maar dat kan ook ineens een week zijn. Dat kan je niet op voorhand weten.” 

Voor de mensen die vaak grote impulsaankopen doen zegt Lageveen dat het verstandig is om wat extra geld achter de hand te houden. “Het noodpakket is om te overleven, als je wat luxer wil blijven leven dan is het slim om wat extra’s in huis te hebben.”

Van studentenhuis tot landelijke tour: Chicco verovert Nederland met zijn Haagse mat

De wereld lijkt aan zijn Haagse voeten te liggen. Chicco van de Luijtgaarden (24) maakte de afgelopen tijd enorme stappen in zijn carrière. Binnen een jaar tijd gaf hij voor 1100 man zijn eigen show in poppodium PAARD in Den Haag, verscheen hij in kijkcijferkanon Oh Oh Den Haag op SBS 6 en kondigde hij onlangs aan dat hij dit najaar het land intrekt voor zijn eerste tour. Als je dit alles zo’n vijf jaar geleden tegen de geboren en getogen Hagenees had verteld, had hij je voor gek verklaard.

Het is juni 2021 als Chicco te gast is bij talkshow Op1 om te vertellen over de Matlas, een boek vol met foto’s van typisch Haagse matten, waar hij, met het kapsel dat hij al van jongs af aan heeft, uiteraard zelf ook in staat. Kort na de uitzending wordt hij opgemerkt door een medewerker van Talpa. “Dat is best gek gelopen”, vertelt Chicco. “Er verscheen niet veel later een filmpje van mij dat ik in de kroeg stond te zingen, en toen werd ik opeens benaderd door die medewerker om mee te gaan doen aan een talentenjacht.

Vreemde start

Chicco reageerde er in eerste instantie verbaasd op. “Ik zei toen; ‘Maar mevrouw, ik kan helemaal niet zingen’.” Dat verdient wat uitleg: Chicco had tot zijn twintigste levensjaar totaal geen idee dat hij kon zingen. “Talpa dacht blijkbaar dat ik kon zingen”, lacht de Hagenees. Hij besluit ‘op de Haagse bluf’ in 2022 mee te doen aan het programma, genaamd De Hollandse Nieuwe.

Al op jonge leeftijd was Chicco te herkennen aan zijn mat. FOTO: Instagram / @chiccovdl

Hij mocht er dan wel al in de eerste ronde uitliggen, het was wel de start van zijn muziekcarrière. “Je kan wel zeggen dat de wereld toen voor me open is gegaan.” Na zijn deelname aan het SBS-programma in 2022, kwam hij in datzelfde jaar nog met zijn eerste eigen nummer: Veeg Ze Van Het Matje, uiteraard met een verwijzing naar zijn eigen coupe. Het nummer kwam uit rond het WK voetbal in Qatar, en werd meteen landelijk opgepikt. “Ik had toen gewoon nog een baan en maakte geen nieuwe muziek, maar kon in het weekend al wel lekker optreden.” Van studentenhuis naar kroeg tot sportkantine; het leven van een artiest was begonnen, en het werd alleen nog maar beter. “Eind 2023 tekende ik een contract bij een platenlabel, en vanaf toen ben ik meer muziek gaan maken.”

‘De afgelopen jaren heeft dat matje echt iets gehuisvest’

Bekend

Na een aantal jaar naam te hebben gemaakt onder het publiek, volgde in 2025 een nieuw hoogtepunt. “Ik verkocht toen mijn allereerste eigen show uit.” Dat is volgens de 24-jarige artiest heel anders dan wanneer je op een ander, vergelijkbaar toneel speelt. “Als je onderdeel bent van een show, komen sommige mensen voor jou, maar sommigen ook niet. Bij die show in Den Haag, kwamen er meer dan duizend mensen voor mij. Dat is zo’n uniek gevoel.”

Later dat jaar werden Chicco en zijn moeder gevolgd door een nieuw SBS-programma. In realityserie Oh Oh Den Haag werd een greep uit het leven van een groep Hagenezen vastgelegd. Chicco was er daar dus één van. “Ik heb toen wel meteen tegen de makers gezegd dat ik niets ga opzetten of iets dergelijks. Ze konden me gewoon volgen, maar dat was het ook.” In het programma zijn de simpele dingen zoals het gaan met je moeder naar het tuincentrum te zien, maar ook hoe Chicco op de middenstip bij ADO Den Haag en voor een stampvol studentenhuis, daar waar een groot deel van zijn publiek zit, moet optreden.

Door het programma schiet de carrière van Chicco de lucht in. “We hebben met geen enkele aflevering onder de miljoen kijkers gezeten. Echt fantastisch.” De man achter de nummers Kouwe Kak en Veeg Ze Van Het Matje merkt dat hij steeds vaker herkend wordt, maar daar heeft hij geen problemen mee. “De afgelopen jaren heeft dat matje echt iets gehuisvest. Dat vind ik alleen maar leuk. In Den Haag werd ik sowieso al vrij vaak herkend, maar na het programma is het echt door het hele land. Ik wordt sinds kort ook non-stop benaderd door televisie- en radiostations. Echt niet normaal.”

‘Of het nou op privéfeestjes of in een kroeg is, ik vind het altijd heel leuk om in Tilburg te staan’

Door alle landelijke aandacht voelt Chicco dat het tijd is voor iets anders, iets groters. “We zijn gaan kijken welke zalen door het land interesse hadden om een show van mij te organiseren, en dat is gewoon gelukt.” De locaties zijn uiteindelijk gevallen in de steden Amsterdam, Groningen, Arnhem, Breda en uiteraard Den Haag, een thuiswedstrijd.

Chicco en zijn moeder Ramona in een tuincentrum. FOTO: Instagram / @chiccovdl

Tilburg

Nu Breda de enige stad in Noord-Brabant is, ontbreekt Tilburg dus op de agenda. Ook daarover is Chicco goudeerlijk. “Ik weet eigenlijk niet waarom we Tilburg overslaan. Er moeten bij het organiseren van een tour bepaalde keuzes worden gemaakt om het als een soort olievlek te verspreiden door heel het land. Dit keer is het dus Breda in plaats van Tilburg geworden.”

Het is volgens Chicco absoluut geen persoonlijke vete tegenover Tilburg. “Ik heb vaak genoeg in Tilburg gestaan. Of het nou op privéfeestjes of in een kroeg is, ik vind het altijd heel leuk om in Tilburg te staan. Ik heb zelfs ooit op een afterparty van de Buma NL Awards in 013 Poppodium gestaan.” Op de vraag of hij ooit nog zal terugkeren in 013 reageert hij dan ook met een kleine knipoog. “Als we nu in Breda staan, dan kunnen we de volgende keer naar Tilburg.”

Alcoholvrij in opmars, maar de Tilburgse horeca merkt hier nauwelijks iets van

0

Belangenorganisatie Nederlandse Brouwers en het Trimbos-instituut kwamen onlangs met cijfers over het alcoholgebruik in Nederland. Zo blijkt dat alcoholvrije en alcoholarme dranken in populariteit toenemen. Ook onder jongvolwassenen (18–25 jaar) lijkt het alcoholgebruik de laatste jaren te dalen of te stabiliseren. Maar hoe zichtbaar is die ontwikkeling in de praktijk van de Tilburgse horeca?

Eind januari meldde Nederlandse Brouwers dat de populariteit van alcoholvrij bier in 2025 is gestegen ten opzichte van 2024. Zo nam de verkoop van alcoholvrij pils met 13% toe en groeide alcoholvrij speciaalbier met 27%. Volgens de brancheorganisatie is dat deels een herstel na een dip in 2024, toen een hogere verbruiksbelasting invloed had op de verkoop. Tegelijkertijd laten cijfers van het Trimbos-instituut ook zien dat alcoholvrij bier vaker wordt gedronken onder jongeren. In 2024 gaf 11,3% van de 18–24-jarigen aan maandelijks alcoholvrij bier te consumeren. Dat betekent echter niet automatisch dat alcoholhoudende dranken volledig worden vervangen, maar het wijst wel op een groeiende belangstelling voor alternatieven.

Tilburgse horecaondernemers merken nauwelijks verschil

Meerdere horecaondernemers in Tilburg geven aan dat zij nauwelijks een toename zien in het aantal bestelde alcoholvrije dranken. Koen van ’t Opkikkertje liet weten dat hij in zijn café weinig merkt van de ontwikkeling waar landelijke cijfers op wijzen. Volgens hem kiezen de jongeren die zijn zaak bezoeken doorgaans bewust voor alcoholhoudende drank en laten zij alcoholvrije varianten vaker links liggen.

Jeroen van Café Brandpunt merkt ook geen significante groei. Hij noemt zelfs nog een andere mogelijke verklaring. Hij stelt dat bepaalde horecatrends in Tilburg later zichtbaar worden dan in de Randstad. Dat zou volgens hem ook kunnen gelden voor alcoholvrije alternatieven. ‘’Mogelijk wordt de groei in deze regio pas over enkele jaren echt merkbaar.’’

Ten slotte gaf Kevin van Hautum van Biercafé Kandinsky aan dat hij wel een lichte stijging ziet in het aanbod en de verkoop van alcoholvrije en alcoholarme varianten. Waar hij in 2016 drie alcoholvrije bieren op de kaart had staan, zijn dat er inmiddels tien. Al verkoopt de horecaondernemer deze dranken met name aan oudere doelgroepen. Onder jongeren merkt hij geen uitgesproken verschuiving richting volledig alcoholvrij of alcoholarm. Die observatie sluit aan bij de ervaringen van de andere horecaondernemers.

Steeds meer alcoholvrije cocktails op de markt

De Tilburgse horecaondernemers die wij spraken melden weinig verandering te signaleren in hun cafés, toch groeit landelijk het aanbod van alcoholvrije alternatieven. Dat geldt niet alleen voor bier, maar ook voor cocktails. Bartender en NK Cocktailwinnaar Jorit Frijling ziet binnen zijn vakgebied wel degelijk een ontwikkeling.

Frijling meldt, ”het draait bij jongeren tegenwoordig minder uitsluitend om het alcoholpercentage van een cocktail. Er wordt bewuster gekozen en de beleving speelt een grotere rol. De presentatie, de ingrediënten en de totale ervaring wegen zwaarder mee in de keuze dan voorheen.”

Met de komst van kwalitatief betere 0.0-varianten van sterke dranken zoals rum en tequila is het volgens hem mogelijk geworden om vrijwel elke klassieke cocktail ook alcoholvrij te serveren. De smaak benadert steeds vaker het origineel. In combinatie met de nadruk op beleving merkt Frijling dat jongere gasten regelmatig kiezen voor een alcoholvrije of alcoholarme variant.

Trend laat op zich wachten

Dat alcoholvrije en alcoholarme dranken meer zijn dan alleen een tijdelijke trend, blijkt uit cijfers van Nederlandse Brouwers en het Trimbos-instituut. Tegelijkertijd geven de gesproken horecaondernemers in Tilburg aan dat zij deze ontwikkeling in hun cafés minder duidelijk terugzien. Hoewel het aanbod van alcoholvrije opties de afgelopen tien jaar flink is gegroeid, merken zij nog geen duidelijke verandering in het alcoholgebruik van jongeren ten opzichte van eerdere generaties. Hoe deze landelijke cijfers zich uiteindelijk verhouden tot de ervaringen in de Tilburgse horeca, blijft vooralsnog een vraag.

EHBO-lessen voor scholieren: onnodige verplichting of levensreddende kennis?

Weet jij wat je moet doen tijdens een medisch noodgeval? Tot de kennis beschikken om de juiste hulp te kunnen aanbieden tijdens ongelukken kan cruciaal zijn. De kans en kennis krijgen om een leven te redden kan een groot verschil maken. Vooral voordat het slachtoffer bij een huisarts of ziekenhuis terechtkomt. Volgens experts kan je eerste hulp niet vroeg genoeg leren. Toch worden EHBO-lessen niet verplicht of gratis aangeboden op het voortgezet onderwijs. Als een kwestie van, soms letterlijk, leven of dood kan een standaard eerste hulp cursus voor scholieren voor meer veiligheid en paraatheid zorgen.“Een investering die ze dubbel en dwars terugkrijgen”. Evenwel blijven de meningen over een verplichte of gesubsidieerd lesprogramma verdeeld.

De vraag of leerlingen op het voortgezet onderwijs verplicht EHBO-les zouden moeten ontvangen kwam al eerder aan bod in de Tweede Kamer. Met behulp van het Rode Kruis in 2021 zijn meer dan 60.000 handtekeningen verzamelt door de stichting. De Kamer nam een motie aan voor de mogelijkheid tot een nieuw EHBO-lesprogramma voor jongeren op middelbare scholen. Ondanks een positieve reactie van politici is dit programma nog niet een werkelijkheid geworden. Ook al werd de motie met een Kamermeerderheid aangenomen waren er ook sceptische reacties van kamerleden. Harm Beertema van de PVV vond een verplichting niet nodig: “onderwijs moet gericht zijn op emanciperen en verheffen”, vertelde hij. Ook René Peters van het CDA is van mening dat de focus moet liggen op de kernvakken lezen, schrijven en rekenen en vindt dat scholen zelf moeten beslissen of zij toegang tot EHBO-lessen bieden. Uiteindelijk is besloten door te gaan met optionele EHBO-lessen, maar geen verplichting.

Het enthousiasme is duidelijk te zien

Toch vindt EHBO-expert Milou Bruers een verplicht eerste hulp lesprogramma voor scholieren op middelbare scholen een goed idee: “Hoe eerder en vroeger geleerd, hoe beter”, vertelt ze. Alsnog is het makkelijker gezegd dan gedaan volgens de EHBO’er. Ze benadrukt dat regelmatige lessen en veel herhaling essentieel zijn wil iemand de stof daadwerkelijk beheersen. Daarnaast is er volgens Bruers een groot verschil tussen de theorie kennen en deze toepassen in de praktijk. Toch is ze voorstander van gratis aangeboden lessen voor scholen vanuit de overheid: “Ik kan niet in de portemonnee kijken van de overheid, maar ik zou het gratis maken”, zegt Bruers.

Ook Ellen Schepens, medisch hulpverlener acute zorg deelt de mening van Milou Bruers. Ze heeft ook ervaring in het onderwijs en wil mensen graag overtuigen van de zaak. Ook als je niet goed weet wat je moet doen in het geval van een noodsituatie kun je alsnog helpen: “Je kan echt wat doen voor mensen om je heen. Als je de telefoon al oppakt en 112 belt help je al heel veel. Iets doen is beter dan niets”, zegt Schepens. Alsnog kan je EHBO-kennis niet vervangen en blijft het belangrijk volgens Schepens. Het herkennen van details aan symptomen of bepaalde verwondingen en weten hoe je moet handelen blijft cruciaal.

De hulpverlener is daarom ook van mening dat een standaard lesprogramma EHBO voor middelbare scholieren niet alleen de kennis kan vergroten voor de leerlingen. Het kan ook de druk op de zorg verlichten. Daarnaast vertelt ze over haar perspectief in de zorg: “Als iemand snel eerste hulp ontvangt, zorgt dat ervoor dat medewerkers in het ziekenhuis dat al niet meer hoeven te doen. Als veel mensen basis-EHBO kennen gaat dat helpen om de druk op de zorg te verminderen, dat weet ik heel zeker”, vertelt Schepens. Hierbij leer je hoe een AED te gebruiken tijdens reanimaties, hoe je bepaalde symptomen kan herkennen van letsel. Ook leer je bijvoorbeeld hoe je moet handelen als iemand stikt of flauwvalt. Samen met hoe je kalm kan blijven tijdens stressvolle situaties. “Gratis of verplichte lessen op scholen is een investering voor de overheid, maar een die ze dubbel en dwars terugkrijgen”, voegt ze toe.

Wat wordt er al gedaan op scholen?

Op scholen is het wel al verplicht om meerdere medewerkers in dienst te hebben die BHV’ers zijn of bedrijfshulpverleners. In tegenstelling tot EHBO’ers zorgen deze hulpverleners ook voor meer algemene veiligheid. Bijvoorbeeld op het vlak van brandgevaar en evacuatie tijdens noodgevallen naast medische hulp. BHV’ers hebben geen specialiteit in een specifiek vlak, maar hebben een algemene cursus gevolgd. Daarom beschikken ze tot relatief minder medische kennis dan een EHBO’er. Door de beslissing van de Tweede Kamer worden optionele lessen eerste hulp wel aangeboden door het Rode Kruis voor scholen en kunnen deze cursussen worden aangeschaft bij de organisatie. Ook andere derde partijen bieden betaalde lessen aan voor EHBO.

Natuurkundedocent, BHV’er, EHBO’er en preventiemedewerker op vwo Sint-Oelbert in Oosterhout Michah Holbrand heeft een meer genuanceerde optiek op het onderwerp. Naast BHV’ers en EHBO’ers die elke dag aanwezig zijn in het gebouw en training voor docenten vindt hij een verplichte les geen goed idee. “Je moet mensen niet forceren, daarom is verplichten niet de oplossing”, vertelt de docent. Holbrand is vooral een voorstander van leerlingen de noodzaak laten inzien van EHBO. De leerlingen enthousiast te maken voor een optionele les, of misschien zelfs een toekomst in de zorg vindt hij een beter idee. De preventiemedewerker is wel van mening dat een gesubsidieerd lesprogramma een positief effect kan hebben. “Het zaadje vroeg planten en vroeg leren kan goed werken”, zegt hij.

Racistische term bij de BAFTA’s, dit is coprolalie

Tijdens de uitreiking van de BAFTA’s op 22 februari was vanuit het publiek een racistische term te horen. De term viel tijdens een presentatie van acteurs Michael B. Jordan en Delroy Lindo en werd onvrijwillig geroepen door John Davidson, die lijdt aan vocale tics door het syndroom van Gilles de la Tourettes.

Wat is er gebeurd?

John Davidson, die te gast was bij de 79e BAFTA-uitreiking voor de film over zijn leven ‘I Swear’, riep tijdens een presentatie van ‘SINNERS’-acteurs Michael B. Jordan en Delroy Lindo onvrijwillig een racistische term. Tijdens de BAFTA’s is het publiek gevraagd rekening te houden met de tics van Davidson. Presentator Alan Cumming, bood tijdens de show ook al excuses, “Onze excuses als u zich beledigd heeft gevoeld.”.

Toch bleef online het commentaar niet uit, ook naar Davidson zelf waren kritische reacties. Zo reageerde acteur Jamie Foxx onder een Instagram-post dat Davidson de uitspraak zou “menen”. Davidson vroeg in een reactie om begrip en benadrukt dat zijn “tics onopzettelijk zijn en geen betekenis hebben”.

Coprolalie

Davidson heeft het syndroom van Gilles de la Tourettes. Een persoon met deze aandoening lijdt aan het plotseling en onvrijwillig maken van bewegingen en geluiden. Deze geluiden variëren van keelschrapen en snuiven tot het roepen van vulgaire taal. Het ongecontroleerd roepen van scheldwoorden en beledigende taal wordt coprolalie genoemd. Het is een symptoom dat voorkomt bij Tourettes, maar ook bij andere neurologische aandoeningen en ziektes. Ook is het een relatief zeldzame uiting van tics, ongeveer 10% van de mensen met een Tourettes-diagnose vertonen coprolalie.

Intentioneel of niet?

Dr. Danielle Cath, hoogleraar op de Rijksuniversiteit Groningen, vertelt dat coprolalie veroorzaakt wordt door provocatieve stimuli. Mensen met coprolalie ervaren een ontremming van emotionele informatie waardoor ze bepaalde neigingen of gedachten moeilijker voor zich kunnen houden. In een situatie met veel druk, emotionele spanning of stress wordt het nog moeilijker om die coprolalie binnen te houden.

Of er dan een intentie achter zit? “Beschadigen van de ander is helemaal niet intentioneel”, zegt Cath. Volgens haar heeft iedereen provocatieve gedachten, maar houden Tourette-patiënten deze moeilijker binnen. Dat heeft te maken met het frontale deel van de hersenen, die evalueren. “Er is daar iets mis met ‘wiring’”. Davidson stond in een volle zaal hoogstwaarschijnlijk al onder emotionele druk, waardoor de remsystemen door de toegenomen stress uitschakelen. Er is volgens Cath veel onwetendheid over Tourette, ze benadrukt dan ook dat coprolalie, “de neiging”, volledig losstaat van de morele standaard van de persoon.

Horrorgriep verhalen op social media: Is de griep echt heftiger dan vroeger?

Nederland kampt met een griepepidemie, naast dat de ziekenhuizen vollopen, wordt ook het internet overspoeld met verhalen over de zogenoemde “horror-griep”. Mensen hoesten de longen uit hun lijf, leven op pijnsstillers en sommigen lijken alle hoop verloren te zijn ooit nog op te knappen. De griep zou in verschillende fases komen en een veel gedeelde mening is dat deze griep vele malen heftiger lijkt dan wat men van vroeger is gewend. Woordvoerder Tim Engelen van het ETZ in Tilburg ziet de griep in het ziekenhuis om zich heengrijpen en neemt deze verhalen onder de loep.

“Currently dying. kan niks proeven, niks ruiken. Lijkt als of een traktor over me heen is gereden” – Tiktok reactie

Verkoudheid is nog geen griep

We spreken van een griepepidimie wanneer twee weken op rij 58 op de honderdduizend mensen griepachtige verschijnselen heeft. Met 71 op de honderdduizend deze week hebben we het goed te pakken in Nederland. Een belangrijke voetnoot bij deze cijfers is dat maar bij tien procent van deze mensen daadwerkelijk influenzavirus* aangetroffen hoeft te worden om van een epidimie te kunnen spreken. Engelen legt uit dat mensen zichzelf vaak sneller de griep aanpraten zonder dat dit daadwerkelijk het geval is. “In de volksmond hebben we al snel een griepje als we een beetje verkouden zijn, maar mensen die daadwerkelijk de griep hebben zijn echt ziek. Die liggen een paar dagen op bed. Een beetje snotterig en hoesterig zijn is nog niet de griep.”

New year, new griep

Door de jaren is de griep nooit helemaal hetzelfde, ieder jaar zijn er meerdere nieuwe mutaties in omloop waar ons imuumsysteem niet op aangepast is. Met een beetje ongeluk heb je dus ieder jaar opnieuw de griep te pakken. Niet alleen in besmettelijkheid verschilt ieder jaar ook de symptomen kunnen variëren. De griep blijft in de kern altijd hetzelfde: koorts, spierpijn en hoesten, echter kan de ernst van de griep en specifieke verschijnselen per jaar verschillen. Toch ziet woordvoerder Engelen dit jaar geen drastische verschillen in de heftigheid van de griepklachten in zijn ziekenhuis.

Maar hoe kan het dan dat mensen toch het idee hebben zoveel zieker te zijn van deze griep dan dat ze van vroeger gewend zijn?

“Je denkt dat je beter bent, volgende dag begint de ellende weer opnieuw.” – Tiktok reactie

Mensen worden niet zieker, mensen worden ouder

Voor Engelen is dat geen lastige vraag om te beantwoorden. “Mensen worden ouder”, zegt hij lachend. “Vroeger was je nooit ziek, nu leef je in het heden en heb je opeens door dat je een paar dagen plat ligt.” Verder speelt volgens Engelen jeugdsentiment ook een grote rol in hoe we de griep op latere leeftijd ervaren. “Je kijkt altijd met een rooskleurige blik naar vroeger, toen je tien jaar geleden ziek was had je je ouders of verzorgers in de buurt die voor je zorgde, nu lig je heel eenzaam en alleen plat op de bank.” Ook het feit dat mensen snel een verkoudheid als griep aandoen, zorgt ervoor dat als je een jaar echt de griep te pakken hebt dit heftig binnen kan komen.

Ook de verschillende fases waar mensen het online over hebben is geen afwijkend gedrag voor de griep en hoef je je geen zorgen om te maken. Volgens Engelen is dit aan twee oorzaken toe te wijden: “De griep is geen vaststaand gegeven, het kan beginnen met een neusverkoudheid maar kan ook doorslaan op de longen.” Verder verlaagt volgens Engelen het influenzevirus het imuumsysteem waardoor je ook vatbaarder wordt voor andere ziektes, ook na het herstellen van de griep.

*Het Influenzevirus is het virus dat de griep veroorzaakt

Onrust in Mexico na dood ‘El Mencho’: Hoe veilig is het WK komende zomer?

0

Na de dood van de beruchte drugsbaas ‘El Mencho’ tijdens een inval door de Mexicaanse autoriteiten is er grote onrust uitgebroken in Mexico. Als vergelding hebben bendes auto’s en winkels in brand gestoken en is er een waarschuwing afgegeven voor nieuw kartelgeweld. In meerdere staten werd mensen geadviseerd om niet de straat op te gaan en bleven scholen gesloten. En dat terwijl in juni een deel van het WK in Mexico plaatsvindt. Hoe veilig is dat?

Guadalajara, Mexico-Stad en Monterrey zijn de drie speelsteden in Mexico tijdens het WK. De grootste zorgen richten zich op eerstgenoemde: Guadalajara. De hoofdstad van de staat Jalisco was de afgelopen dagen een van de steden waar kartels de omgeving terroriseerden met geweld. In Guadalajara worden komende zomer vier wedstrijden gespeeld.

Reactie uit Mexico
Volgens de Mexicaanse president Claudia Sheinbaum komt het WK niet in gevaar. Tijdens een speciaal ingelaste persconferentie gaf ze alle garanties dat er deze zomer ‘gewoon’ gevoetbald kan worden in Mexico. Volgens haar zijn er geen veiligheidsrisico’s voor fans die deze zomer naar het land afreizen.

Gisteren speelde het Mexicaanse elftal een oefenwedstrijd tegen IJsland. In de stad Querétaro waren dertigduizend mensen aanwezig bij de wedstrijd. Er werden strenge veiligheidsmaatregelen genomen, waarbij zelfs het leger aanwezig was. Er hebben zich geen incidenten voorgedaan.

Na afloop liet de Mexicaanse voetbalbond weten tevreden te zijn over het verloop van de wedstrijd. Volgens de bond is daarmee aangetoond dat er op een veilige manier een voetbalwedstrijd kan worden georganiseerd.

Geweld niet nieuw
Will van Rhee is werkzaam als manager veiligheid bij de FIFA. Hij was al actief tijdens meerdere toernooien, onder meer in de Mexicaanse stad Monterrey tijdens een jeugd-WK.

Ook toen was veiligheid een belangrijk thema. “In Mexico kent men al jaren crimineel geweld. Tijdens het jeugd-WK in Monterrey was de beveiliging zeer streng. Het Nederlandse jeugdteam heeft daar toen ook gespeeld. Gelukkig is er rond de wedstrijden niets ernstigs gebeurd. Maar geweld en zware beveiliging zijn in Mexico niets nieuws.” Wel verwacht Van Rhee dat tijdens het komende WK de beveiliging extra intensief zal zijn.

Geen reden tot paniek
Van Rhee is ook tijdens het komende WK werkzaam als veiligheidsmanager. Hij vervult die rol in de Canadese speelstad Vancouver en volgt de situatie in Mexico met bovengemiddelde interesse, “Honderd procent zekerheid kun je nooit geven, maar dat geldt voor meer landen. Ik verwacht tijdens het WK geen problemen. Uiteraard wordt er rekening gehouden met de huidige spanningen, maar als fans de adviezen en aanwijzingen van de politie opvolgen, komt het allemaal goed.”

Ook FIFA-baas Gianni Infantino ziet geen problemen richting komende zomer. In een persconferentie gaf hij aan dat de situatie nauwlettend in de gaten wordt gehouden, maar dat er alle vertrouwen is in Mexico. Ondanks het grote geweld van deze week staan de seinen dus op groen voor een veilig WK in Mexico.

Odido besluit hackers niet te betalen: goede keuze of gevaarlijke gok?

Het nieuws gaat het hele land rond: hackergroep Shinyhunters heeft de gegevens van meer dan zes miljoen klanten bij telecomprovider Odido in handen. Met een deel van de data op het dark web van onder andere namen, woonadressen en bankrekeningnummers is het een zaak met hoge prioriteit voor de politie. Zij hebben nu ook het onderzoek opgepakt. Uiteindelijk heeft de provider besloten het losgeld, die de criminelen eisen, niet te betalen na advies van cybersecurityadviseurs. Het lijkt een gedurfde zet te zijn met voordelen, maar ook een keerzijde aldus cybersecurityexpert Henri Beek. “Een lose-lose situatie”, vertelt hij.

Of de keuze van Odido verstandig was blijkt een meer ingewikkelde en genuanceerde vraag te zijn dan je misschien zou denken. Henri Beek, deskundige op het vlak van cybersecurity en cybercriminele dreigingen voor DataExpert benadrukt dit: “Als je niet betaalt, wordt er gedreigt met lekken, maar betaal je wel heb je nog steeds geen garantie of de data alsnog niet gelekt wordt”, vertelt Beek. Volgens de expert is er ook een kans op een zogenoemde ‘double extortion’. Dit betekent dat na de betaling van losgeld de criminelen nogmaals een dreigement maken voor een extra bedrag. Zowel betalen als niet betalen kan grote risico’s met zich meebrengen. “Eigenlijk is het alleen maar een lose-lose situatie”, zegt Beek. Een heel lastig scenario dus. Of Odido de juiste keuze heeft gemaakt, vindt Beek een ingewikkelde vraag: “Ik weet hoe lastig het is om als organisatie, ook vanuit onze eigen ervaring met klanten, dit soort keuzes te maken. Daarom kan ik daar geen antwoord op geven”, vertelt hij.

Wel onderstreept Beek dat, slachtoffer of niet, het altijd belangrijk is om je gegevens online zo veilig mogelijk te maken met maatregelen zoals verschillende wachtwoorden, twee-stapsverificatie en vooral op te letten op vreemde telefoonnummers, mails of andere berichten.

Een lastige zaak met een lastig dilemma

Met de gegevens van miljoenen gebruikers vragen de cybercriminelen ook een groot bedrag ervoor terug: een miljoen euro. Shinyhunters dreigt de data openbaar te maken en probeert hiermee de politie en Odido te chanteren. Stan Duijf, hoofd Operatiën verantwoordelijk voor de aanpak van cybercrime bij de politie vertelt in een interview met ANP over zijn advies: “Ons advies aan slachtoffers van ransomware is: niet betalen als criminelen losgeld eisen. Wanneer zij worden betaald, blijft hun verdienmodel tenslotte levend”, vertelt de expert. Wel vertelt Duijf dat het een serieuze aanval is en dat de impact groot is. Onder leiding van het Landelijk Parket van het Openbaar Ministerie wordt het onderzoek uitgevoerd. Veel weten we nog niet over de voortgang van het onderzoek: “Omdat het gaat om een lopend onderzoek, zijn wij op dit moment terughoudend met het delen van informatie”, vertelt Duijf.

Odido houdt voet bij stuk

Ondanks de dreiging van identiteitfraude en verdere chantage van de hackergroep heeft de telecomprovider zijn beslissing genomen: ze betalen niet. Ingewijden dat Odido al van mening was dat de criminelen niet te vertrouwen waren voordat de eis voor losgeld kwam. Daarnaast zouden de hackers niet vaak hun afspraken nakomen. Het bedrijf verwacht dan nu ook verdere eisen van de groep. De politie en Odido slachtoffers raden aan niet te reageren op berichten van onbekende contactpersonen of bedrijven. Daarnaast geven woordvoerders van de provider aan voorlopig niets meer te vertellen.

Medaillesucces onder de loep: jonge goudhaantjes bezorgen Nederland historische Spelen

0

Enkele dagen na afloop van de Olympische Winterspelen is het tijd om de definitieve balans op te maken. Nederland kende – mede door geboekte successen vanuit de nieuwe generatie – een uiterst succesvolle editie. Wat heet, ons land mocht tien keer zegevieren en eindigde daarmee op een historische derde plek in het medailleklassement. Hoe kwam dat medaillesucces tot stand en welke verhalen schuilen achter die prestaties? Een terugblik op twee weken Milaan & Cortina, waar jeugdig Oranjegeweld de dienst uitmaakte.

Het aansteken van de Olympische vlam in Milaan luidde op 8 februari traditiegetrouw de start van het grootschalige sportevenement in. Vanuit Nederland reisden dit jaar 38 gekwalificeerde afgevaardigden richting de noord-Italiaanse fashionstad, om daarginds de Oranjetrots te vertegenwoordigen. 16 dagen lang laten zien wat je waard bent, op het meest prestigieuze sportpodium ter wereld.

Uiteindelijk bleken de Spelen uiterst vruchtbaar voor TeamNl. Dat is niet alleen op het conto te schrijven van veteranen Jorrit Bergsma (37), Kjeld Nuis (36) en Itzhak de Laat (31). Kijkend naar alle medaillewinnaars, zijn er 8 individuele Olympiërs die goud wonnen en tegelijkertijd 25 jaar of jonger zijn. Dat is een stijging ten opzichte van de vorige Winterspelen. Toen keerden ‘slechts’ 5 van die talenten huiswaarts met een gouden plak. Wie zijn enkele van onze generatiegenoten, en nog belangrijker: welke reis legden zij – in hun nog prille carrière – al af richting dit ultieme sportsucces?

Friese snelheidsduivel

Voorafgaand aan de Spelen stond de naam van Femke Kok bij vrijwel alle schaatskenners hoog op de potentiële winlijstjes. Als sprintspecialiste onderlegt de 25-jarige Friezin cijfers waar menig schaatser van droomt: Kok won in aanloop naar de Spelen al 23 wereldbekers en werd tevens 3 keer wereldkampioen. Alhoewel Kok op meerdere afstanden uitstekend uit de voeten kan, heeft ze van de 500 meter de laatste jaren haar ultieme prooi gemaakt. Minder dan goud zou “zeker een teleurstelling zijn”, sprak ze enkele dagen voor aanvang van die wedstrijd nog uit tegenover het Algemeen Dagblad.

Ondanks die torenhoge verwachtingen, kende Kok een uitstekend Olympisch debuut. Nadat ze op de eerder-gereden 1000 meter concullega Jutta Leerdam nog voor zich moest dulden, liet ze vervolgens op haar ‘eigen afstand’ zien dat de Olympische titel voor haar alleen was. Met verve reed Kok op de 500 meter naar een Olympisch baanrecord, waarna Friese nuchterheid in een moment van schaarsheid toch even plaatsmaakte voor pure emotie. ‘’Je werkt er zo hard voor en wil het zo graag. Nu is het eindelijk gelukt’’, aldus een zichtbaar-geroerde Femke Kok.

Mediarel

Toch gaat het, zo daags na afloop van de Spelen, niet alleen over Koks’ prestaties óp de baan. Na haar overwinning op de 500 meter gaf trainer Dennis van der Gun tijdens de huldiging in het TeamNL-huis onbedoeld aanleiding tot een mediarel die zijn weerga niet kende. ‘’Ik denk dat ik namens heel Nederland spreek: we zijn ongelooflijk trots op wat je hebt bereikt!’’, sprak hij zowel Kok zelf als een uitzinnige Oranjezaal enthousiast toe. ‘’Je hebt al 23 wereldbekers gewonnen, drie wereldtitels op rij, en nu dus de Olympische titel. Eén ding heeft ze nog niet: een leuke vriend.”

Die woorden bleken het startschot van een online-véte richting Van der Gun. Termen als ‘zwaar respectloos’, ‘oerconservatief’ en ‘seksistisch’ passeerden op allerlei sociale mediakanalen de revue. Kok voelde zich genoodzaakt om via haar officiële Instagram-account te reageren op het incident en vindt het naar eigen zeggen ‘’jammer om iets te zeggen over een situatie die compleet uit z’n verband is getrokken. Dennis heeft een gigantisch aandeel in mijn gouden medaille en als er iemand is bij wie ik mij compleet op mijn gemak voel als vrouw, is dat wel bij hem”, verzekerde ze.

Van berentemmer naar Olympisch goud

Shorttracker Jens van ’t Wout groeide op aan de andere kant van de Atlantische Oceaan. Op 2-jarige leeftijd verhuist het gezin, inclusief oudere shorttrackbroer Melle, naar het Canadese stadje Bracebridge. Daar vind de familie, gelegen in een plaatsje zo’n 200 kilometer boven Toronto, te midden van rustieke bossen eindelijk de kalmte die hen in het Gooise Laren niet wordt geboden. ‘’Mijn ouders wilden het land ontvluchten, meer van de wereld zien’’, aldus Van ’t Wout tegenover Helden. ‘’Dat er al familie woonde, hielp ook mee in die keuze.’’

Uiteindelijk zou het gezin ruim tien jaar in Canada wonen, waarna wordt besloten om toch weer terug te keren naar de heimat. Dat decennium in aan de andere kant van de wereld brengt de jonge Van ’t Wout vele inzichten. Hoe om te gaan met wilde beren in de achtertuin, bijvoorbeeld. Maar ook dat broer Melle en hij talent hebben voor sporten op het ijs. Als de dan al jarenlang-ijshockeyende broers terugkeren naar Nederland en ze vanwege blessureleed besluiten om iets anders te proberen, ontdekken ze de shorttrackbaan. Een nieuwe liefde is geboren.

In de jaren die volgen, rijgt Jens van ’t Wout eerst de jeugd- en later volwaardige kampioenschappen aaneen. Achtereenvolgens op nationaal, Europees, wereld- en uiteindelijk Olympisch niveau, staat zijn naam meer dan eens bovenaan de klassementen.

Scarface

Toch scheelt het na een ernstig ongeluk op de baan in 2019 slechts luttele centimeters, of Van ’t Wout verschijnt überhaupt niet aan de start in Milaan. Tijdens een wedstrijd in Thialf krijgt hij na een valpartij de schaats van Israëliër Vladislav tegen z’n gezicht. De schade? Een tweetal verbrijzelde tanden, zichtbaar litteken op de wang en een volmondige ijshal die de adem inhoudt.

Uiteindelijk blijkt het gouden motivatie. Van ’t Wout revalideert maanden, komt sterker terug dan ooit en is – vers omgedoopt tot ‘scarface’ – tot op het bot gebrand om Olympische successen te boeken. Die successen volgen in Milaan. Daar wint hij drie keer goud en één keer brons. Alleen Noorse langlaufer Johannes Klaebo kent individueel een beter toernooi. Die bronzen plak is, ondanks de lagere klassering op het podium, de meest speciale van allemaal. Dat heeft dan weer alles te maken met degene die die wedstrijd tweede wordt – zijn broer Melle. Zo beleven beide schaatsbroers een memorabel Olympisch Wintertoernooi en ziet de toekomst er rooskleurig uit voor het Nederlandse shorttrack.

Andere prestaties

Iemand van diezelfde shorttrackgeneratie is Xandra Velzeboer. De 24-jarige Culemborgse is – ondanks haar jonge leeftijd – de enige uit dit rijtje die afreisde naar Italië met Olympisch eremetaal op zak. De vorige Spelen in Peking behaalde zij een gouden medaille tijdens de relay. Daarmee weet Velzeboer hoe het is om op het allerhoogste niveau te presteren.

Ook deze Spelen bleek een vruchtbare oogst voor de hoogst-geklasseerde Nederlandse shorttracker van allemaal. Velzeboer sleepte twee gouden en één bronzen plak in de wacht. Toch verlaat zij het Olympisch Dorp met gemengde gevoelens. Zowel de individuele afstand van 1500 meter als het teamonderdeel van de relay kende met valpartijen een abrupt einde. “Het is echt een enorme teleurstelling. We zaten op een goede plek in de race en dan gebeurt dit, dat is gewoon pech”, vertelde de shorttrackster teleurgesteld na afloop van de halve finale relay tegen Eurosport.

Over doelen voor de nog volgende Olympische toernooien, hoeft ze niet lang na te denken. Ook zij heeft gekeken naar het mannelijke shorttrack, waar beide ‘Van ’t Woutjes’ een podiumplek bemachtigden: ‘’het is ook voor ons een doel om samen op het podium te staan’’, vertelt Michelle in gesprek met Eva Jinek. ‘’Maar dan wel met een mooie strijd. Dat zou ik heel vet vinden.’’ Voor zusje Michelle zou dat een eerste Olympische medaille betekenen. De 22-jarige maakte haar debuut in Milaan, maar kon met valpartijen op meerdere onderdelen allerminst potten breken.

Tevens maakt Jenning de Boo prominent onderdeel uit van de nieuwe generatie Olympiërs. De geboren en getogen Groninger is pas 22, maar nu al eigenaar van twee zilveren medailles. Als langebaanschaatser nam hij het afgelopen wintereditie zowel deel aan de 500 en 1000 meter schaatsen. Daarbij stuitte hij op Amerikaanse plaaggeest Jordan Stolz, die voor de neus van De Boo tweemaal met goud aan de haal ging. Verrassend is dat niet te noemen. Het fenomeen uit Wisconsin is op beide afstanden wereldrecordhouder en vestigde op de afgelopen Spelen zelfs een Olympisch baanrecord op de 500 meter. Verder eindigde Merel Conijn (24) op een tweede plek tijdens het langebaanschaatsen op de 5000 meter voor vrouwen. Teun de Boer (24) won dan weer goud bij de shorttrackrelay voor mannen.