Home Blog Pagina 2

Franse scholieren protesteren voor beter onderwijs, maar krijgen de politie tegenover zich

0

Franse scholieren protesteren voor beter onderwijs, maar het harde politieoptreden roept steeds meer vragen op. Honderden scholieren en agenten raakten gewond en er lopen tientallen onderzoeken naar mogelijk politiegeweld. Volgens de Franse politicoloog Laurent Chambon probeert de regering demonstranten met haar harde aanpak af te schrikken.

De protesten begonnen uit onvrede over het Franse onderwijs. Scholieren klagen over een tekort aan docenten, verouderde schoolgebouwen en ongelijke kansen. Ze willen dat de overheid meer investeert in hun scholen. Wat begon met blokkades van schoolgebouwen, groeide uit tot confrontaties tussen jongeren en de politie.

Begin oktober verliest een vijftienjarige scholier in het Franse Lens zijn hand door een politiegranaat. De precieze omstandigheden worden nog onderzocht. Na het incident besluit de Franse minister van Binnenlandse Zaken het gebruik van verdovingsgranaten bij scholierenprotesten op te schorten.

Het is niet het enige incident. Volgens cijfers die eerder deze week bekend werden, raakten meer dan 200 scholieren en 800 politieagenten en gendarmes gewond.

‘Het zijn kinderen’

De Franse politicoloog Laurent Chambon noemt het schokkend dat minderjarigen met zulke zware politiemiddelen te maken krijgen.

“Het zijn kinderen, ik hoop dat mensen zich dat beseffen”, zegt hij.

Volgens Chambon staat het politieoptreden niet op zichzelf. Hij denkt dat de regering onder president Emmanuel Macron bewust hard optreedt om demonstranten af te schrikken. Het idee daarachter is volgens hem dat mensen niet meer de straat op durven als protesteren te gevaarlijk wordt.

“Zodra het geweld hoog genoeg is, stoppen mensen met demonstreren”, zegt hij.

Dat de regering bewust geweld laat uitlokken, zoals Chambon stelt, is niet bewezen. Wel beschreef de Franse krant Le Monde hoe de overheid aanvankelijk vooral inzette op arrestaties om nieuwe protesten te ontmoedigen, terwijl gesprekken met scholieren minder aandacht kregen.

Wie controleert de politie?

Mensenrechtenorganisatie Amnesty International waarschuwt voor disproportioneel politiegeweld tegen scholieren. Tegelijkertijd raakten ook agenten gewond en vonden er vernielingen plaats. De politie moet kunnen ingrijpen, maar de vraag is of de gebruikte middelen in verhouding staan tot het gevaar.

Volgens Chambon vergroot het harde politieoptreden het wantrouwen tussen burgers en de overheid. Ook is hij kritisch op de Franse politie-inspectie IGPN, die meldingen van mogelijk politiegeweld onderzoekt. Hij vindt dat het toezicht onvoldoende onafhankelijk is en dat het systeem agenten eerder beschermt dan burgers.

“Het hele systeem is pro-politie en anti-burgers”, aldus Chambon.

De IGPN heeft 36 onderzoeken geopend naar mogelijk politiegeweld tijdens de scholierenprotesten. Of agenten daadwerkelijk strafbare feiten hebben gepleegd, moet nog blijken.

Protesteren is geen hobby

Volgens Chambon zit de onvrede dieper dan alleen de problemen op Franse scholen. Hij vindt dat de politiek al jarenlang onvoldoende naar burgers luistert. “We hebben een arrogante elite”, zegt hij.

Omdat burgers zich volgens hem niet gehoord voelen, zien ze weinig andere mogelijkheden om verandering af te dwingen. “We hebben maar één middel en dat is in opstand komen.”

Volgens Chambon klopt het cliché niet dat Fransen voor hun plezier demonstreren. “Het gaat er niet om of we protesteren leuk vinden. We doen het omdat het moet.”

Minder strak in pak, meer ruimte voor comfort op kantoor

Comfortabele en functionele kleding speelt een steeds grotere rol in de manier waarop we ons kleden naar het kantoor. Volgens sector banker retail bij ABN AMRO, Henk Hofstede, worden kledingstukken waarin mensen zich prettig voelen steeds vaker geaccepteerd op het werk. Daardoor vermoedt hij dat de verkoop van pakken onder druk staat. Maar Harmen Venmans, eigenaar van de kledingwinkel TailormadeSuits, ziet in zijn winkel juist steeds meer klanten die een pak komen kopen.

“Kleding waar je je lekker in voelt, wordt steeds vaker geaccepteerd op kantoor”, zegt Hofstede. Volgens hem speelt daarin de combinatie van kledingstukken een belangrijke rol. Een nette broek met bijvoorbeeld een poloshirtje is heel genormaliseerd. Door de styling kan comfortabele kleding passen binnen de normen van een werkomgeving. Maar dat hangt volgens Hofstede ook af van de bedrijfscultuur en het soort klanten waarmee de medewerkers werken. “Het ene kantoor is gewoon wat formeler als het andere kantoor”, aldus Henk Hofstede.

Tegengeluid uit de pakkenbranche

Hofstede heeft de indruk dat de verkoop van pakken onder druk staat. Bedrijven die zich specialiseren in pakken zouden volgens hem last hebben van deze ontwikkeling in de werkomgevingen. Harmen Venmans, eigenaar van TailormadeSuits, herkent dit momenteel niet in zijn winkel. Hij zegt juist dat er steeds meer mensen langskomen voor een pak. Hij ontkent niet dat mensen minder vaak een pak dragen, maar geeft toe dat hij genoeg klanten krijgt. “Nu zie je toch weer dat het een beetje terug komt”, zegt Venmans. Hij vindt het jammer dat mensen minder vaak in pak naar hun werk gaan en hoopt dat het pak weer vaker wordt gedragen.

Formele kleding kan terugkeren

De huidige voorkeur voor comfort betekent niet dat formele kleding voorgoed verdwijnt. Mode is een ineen schakeling van trends volgens Henk Hofstede. “Het kan maar zo zijn dat we over een paar jaar weer allemaal strak in pak lopen met bretels en een stropdas”, zegt hij. Of mensen door de opkomst van comfortabele kleding daadwerkelijk minder vaak een pak dragen, blijft vooralsnog onduidelijk.

“Het brak mijn hart” Karim Amghar over hoe armoede de kansen van kinderen beïnvloed

‘Mik niet te hoog. Wees niet te ambitieus.’ Voor kinderen die opgroeien in armoede, kunnen lage verwachtingen hun kansen binnen het onderwijs beïnvloeden. Karim Amghar, schrijver, programmamaker en mbo-docent die zich inzet voor kansengelijkheid in het onderwijs, vertelde hoe hij zelf, ondanks een havo-vwo-score op de Cito-toets, het advies kreeg om vmbo-kader te gaan doen. Dat vertelde hij donderdag tijdens het symposium over kans (on)gelijkheid op de HAN in Nijmegen.

‘Karim, je hebt havo-vwo gescoord, maar mik niet te hoog. Wees niet te ambitieus, anders val je heel hard’, zei de leerkracht van Karim Amghar in groep 8. ‘Ik wil je beschermen’, was volgens Amghar de reden achter het advies om vmbo-kader te gaan doen. Het niveau maakte Amghar niks uit. Hij wilde gewoon mee naar de middelbare school in Rotterdam met de rest van zijn vriendjes. Het ging hem vooral om de uitspraak ‘mik niet te hoog’. “Het brak mijn hart”, zegt hij.

Misschien is dit racisme, misschien is het discriminatie vanwege de armoede waarin hij opgroeide. Dat is niet zeker. Hoe dan ook staat zijn verhaal niet op zichzelf. Uit de DUO-monitor over schooljaar 2024-2025 blijkt dat leerlingen met een lage sociaaleconomische status vaker dan gemiddeld een schooladvies krijgen dat niet overeenkomt met hun prestaties op de doorstroomtoets. Volgens de monitor lopen deze leerlingen meer risico op onder- of overadvisering dan leerlingen van een hoge sociaaleconomische status.

Tijdens het panelgesprek komt naar voren hoe armoede de kansen van kinderen in het onderwijs beïnvloedt. Volgens Karim Amghar begint die beïnvloeding en de kansenongelijkheid bij de verwachtingen die mensen van kinderen hebben. Hij benadrukt dat kinderen die opgroeien in armoede iemand nodig hebben die in hen gelooft. Iemand die hoge verwachtingen van hen heeft en ze daardoor hoop geeft. Wanneer een leerkracht een kind afraadt om een hoger onderwijsniveau te volgen, zoals dat bij hem gebeurde, verliest dat kind misschien ook het geloof in zichzelf.

Amghar stelt daarom dat er meer ondersteuning moet zijn voor kinderen die thuis minder kansen krijgen. “We moeten mensen die in armoede opgroeien ongelijk behandelen, om meer gelijkheid te kunnen creëren”, zegt hij. Een voorbeeld dat hij noemt, is kleinere klassen op scholen in wijken waar meer gezinnen met een lage sociaaleconomische status wonen. Op deze manier krijgen die leerlingen meer persoonlijke aandacht. Dan kunnen ze meer ondersteuning krijgen die ook aansluit bij hun behoeftes. “Juist door ongelijk te investeren kun je meer gelijkheid creëren”, stelt hij.

Politieke strijd hoort erbij, maar wanneer gaat kritiek te ver?

0


Politici die elkaar tijdens debatten aanvallen, kunnen rekenen op aandacht. Maar er is een verschil tussen stevige kritiek op elkaars standpunten en het in twijfel trekken van iemands plek binnen de democratie. Vooral dat laatste kan volgens politicoloog Joep van Lit gevaarlijk zijn.

Kritiek hoort bij politiek

Dat politici het niet met elkaar eens zijn, is juist belangrijk voor een gezonde democratie. Door verschillende standpunten tegenover elkaar te zetten, kunnen politici discussiëren over onderwerpen als zorg, klimaat en asiel. Volgens Van Lit moet er daarom ruimte zijn voor stevige politieke discussies, “Politieke strijd is goed”, zegt hij. 

Het wordt volgens hem problematischer wanneer de discussie niet meer over de inhoud gaat, maar over de vraag of iemand überhaupt aan het democratische debat mag deelnemen.

Wanneer wordt kritiek gevaarlijk?

Van Lit maakt onderscheid tussen kritiek op politieke standpunten en kritiek op de democratische legitimiteit van anderen. Dat laatste gebeurt bijvoorbeeld wanneer politici suggereren dat journalisten niet onafhankelijk zijn of rechters niet eerlijk handelen. Daarmee wordt niet alleen kritiek geleverd op hun werk, maar ook op hun rol binnen de democratie.

Van Lit is politicoloog en postdoctoraal onderzoeker aan de Radboud Universiteit en de Universiteit van Fribourg. Hij onderzoekt onder meer hoe democratieën zich kunnen verdedigen tegen ondermijning van binnenuit.

Volgens hem zijn journalisten, rechters en andere kritische instanties belangrijk om de macht te controleren.  Als hun positie steeds ter discussie wordt gesteld, kan die controle moeilijker worden, “Want dan wordt tegenmacht moeilijker, of durven mensen het minder snel te doen”, zegt hij. 

Stevig debat, zonder de democratie te ondermijnen

Dat betekent niet dat politici hun meningsverschillen moeten verbergen of altijd vriendelijk met elkaar moeten omgaan. Juist door verschillende ideeën te bespreken, kunnen oplossingen ontstaan die op meer steun kunnen rekenen.

De grens ligt volgens Van Lit bij het in twijfel trekken van het recht van anderen om mee te doen aan het debat. Dan gaat het niet meer alleen over politieke keuzes, maar over de democratische spelregels zelf.

Rotterdam komt in actie tegen de wapenbeurs

De wapenbeurs komt eraan en de tegenstanders laten van zich horen. Op 19 november vindt de 37e editie van de NEDS (NIDV Exhibition Defence & Security) plaats in Rotterdam Ahoy. Wij waren bij het protest tegen de beurs en blikken met een audioreportage en fotoserie terug op de avond.


Minder nieuwe content op streamingdiensten, wel meer hergebruik

0

Het aanbod van nieuwe content neemt af, terwijl streamingdiensten hun catalogus steeds vaker aanvullen met bestaande producties. Dat blijkt uit internationaal onderzoek van Glance, dat werd gepresenteerd tijdens de televisiebeurs MIPCOM in Cannes. Volgens mediajournalist Jarco Kriek van Kriekmedia speelt de handel in uitzendrechten daarbij een belangrijke rol, “Het is echt een spelletje van rechten kopen en rechten gebruiken.”.

Volgens onderzoek van Glance is in de eerste negen maanden van 2026 het nieuwe contentaanbod bij Netflix met 12 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder gedaald. Bij Disney+ was de daling met 41 procent nog sterker. Toch betekent minder nieuw aanbod niet automatisch dat kijkers minder keuze hebben. Streamingdiensten kunnen hun aanbod ook uitbreiden met bestaande producties. In Frankrijk nam het aantal beschikbare content op bijvoorbeeld Netflix en Prime Video met tientallen uren toe na een samenwerking met de Franse streamingdiensten.

Bestaande series leveren opnieuw geld op

“Wat Disney nu heel erg aan het doen is, is oudere eigen series verkopen aan partijen, zoals Netflix, voor een bepaalde tijd”, zegt Kriek. Het gaat daarbij om uitzendrechten, die bepalen welke streamingdienst een serie mag aanbieden en voor hoelang.

“Mensen die al heel lang bij Disney zitten, die hebben die belangrijke series best wel gezien. En na twee of drie jaar verkopen ze dat aan Netflix”, vertelt Kriek. Door de uitzendrechten tijdelijk te verkopen, verdient Disney opnieuw aan oudere producties, terwijl Netflix zijn aanbod uitbreidt.

Nieuwe series maken wordt duurder

De stijgende productiekosten spelen volgens Kriek ook een rol bij de keuzes die streamingdiensten maken over nieuwe producties. Streamingdiensten en mediabedrijven concurreren om acteurs en scenarioschrijvers, waardoor de kosten oplopen.

“Je moet ze voor heel veel geld kopen”, zegt Kriek over de acteurs. Volgens hem zijn de kosten van sommige producties gestegen van ongeveer 100.000 naar 400.000 dollar per aflevering. Daardoor wordt het moeilijker om investeringen terug te verdienen.

Ook in Nederland ziet Kriek druk op de productie van nieuwe series. Volgens hem maken vooral Videoland en RTL nog veel eigen producties, terwijl andere televisiezenders vaker rechten inkopen.

Die titels zijn misschien niet nieuw, maar bieden kijkers wel meer keuze. Voor eigen producties worden streamingdiensten als Netflix volgens Kriek daarom selectiever. “Alleen de echte krenten uit de pap, die halen ze nog.”.

Enthousiasme over komst nieuwe spoorwegmaatschappijen naar Londen: “Ik juich het toe”

Onder andere Virgin Trains, Trenitalia France en Gemini Trains zijn van plan om treinen tussen het Europese vasteland en Londen aan te bieden en daarmee ook gelijk de Eurostar concurreren. “Veel potentie” zegt treinexpert Hildebrand van Kuijeren.

Momenteel is de Eurostar de enige maatschappij die volledig gericht is op het vervoer van passagiers via de Kanaaltunnel naar London. Virgin Trains wil vanaf 2030 twintig retourritten per dag bieden op deze route. De onderneming van Britse zakenman Richard Branson gaat zich vooral richten op een luxe ervaring voor hun passagiers die onder andere geïnspireerd is door zijn ‘Virgin Atlantic’, zijn vliegmaatschapij.

“Fijner dan het vliegtuig”
“Persoonlijk vind ik dat fijn”, vertelt frequent Londen (met de Eurostar) reiziger Emma Govers. Zij is van mening dat wanneer er meer maatschappijen die kant op willen gaan, het reizen aantrekkelijker zal worden. “Het is ook immers beter voor het milieu” zegt ze. Govers vertelt dat ze het reizen met de Eurostar zelf fijner vindt dan met het vliegtuig: “Vliegen vind ik namelijk veel gedoe en onnodig duur, de trein is ook makkelijker te boeken”. Toch gaat het uiteindelijk bij haar vooral om de comfort en een goede prijs: “Als ik merk dat de andere maatschappijen fijner of goedkoper zijn, ga ik daar zeker gebruik van maken”. Het enthousiasme heerst ook onder kenners.

“Prima te doen”
“Ik juich het toe” zegt Van Kuijeren. Hij vindt dat er hoe meer maatschappijen ritten aanbieden, dat het alleen maar beter kan zijn voor de prijzen in het algemeen. “Als je kijkt naar de hoeveelheid vluchten die dagelijks naar Londen gaan, zie je veel potentie en vraag voor deze route”. Van Kuijeren verwacht dat de concurrentie ervoor gaat zorgen dat minstens één bedrijf zich gaat richten op het verlagen van zijn prijzen en het ander gaat richten op een betere kwaliteit leveren voor de passagiers. “Over het algemeen is het prima te doen”. Toch is het makkelijker gezegd dan gedaan.

Realiteit
Van Kuijeren wil ook realistisch blijven. Hij wijst op het Italiaanse bedrijf Trenitalia, dat jaren terug plannen aankondigde om de concurrentie aan te gaan met SNCF op de route naar Parijs. Tussen de aankondiging en de eerste rit verstreken uiteindelijk tien jaar. Op basis daarvan verwacht hij dat ook de plannen van Virgin Trains langer op zich zullen laten wachten. “Maak van 2030 maar 2032 of 2035”, voorspelt hij. Het kan dus nog enkele jaren duren voordat reizigers met een andere maatschappij dan Eurostar naar Londen kunnen reizen.





Van verkiezingssucces naar politieke leegte. Hoe nu verder? 

In 2023 behaalde Nieuw Sociaal Contract (NSC) onder leiding van Pieter Omtzigt twintig zetels bij de Tweede Kamerverkiezingen. Twee jaar later bleef de partij met lege handen achter. Inmiddels heeft NSC ook geen volksvertegenwoordigers meer. Toch wil de jongerenorganisatie Jong Sociaal Contract (JSC) het gedachtegoed blijven uitdragen. “Het geluid van een nieuw sociaal contract is nog altijd nodig”, vertelt landelijk voorzitter Thomas Janssen. 

Crisis binnen de partij 

NSC boekte in 2023 een groot verkiezingssucces met thema’s als goed bestuur en bestaanszekerheid. Maar na het vertrek van Omtzigt in 2025 slaagde de partij er niet in dat succes vast te houden. Bij de verkiezingen van oktober 2025 behaalde NSC geen zetels. 

Op 7 oktober 2026 verloor de partij ook haar laatste gekozen volksvertegenwoordiger, Europarlementariër Dirk Gotink. Hij heeft zijn lidmaatschap opgezegd vanwege onenigheid over de politieke koers van NSC en de mogelijke toenadering tot Project2029. Dat is een politieke beweging van Mona Keijzer, die een sociaal-conservatief alternatief wil bieden voor bestaande partijen. De mogelijke samenwerking zorgde voor verdeeldheid binnen NSC over de richting die de partij moet inslaan. 

Ook binnen de partij liepen de spanningen op. Tijdens de ledenvergadering van 10 oktober verlieten meerdere aanwezigen de zaal toen Keijzer het woord nam. Uiteindelijk trad het volledige partijbestuur af. De gebeurtenissen roepen vragen op over de richting die NSC nog kan inslaan en de manier waarop de partij haar oorspronkelijke achterban wil behouden. 

Jongerenorganisatie houdt vast aan de idealen 

Ondanks de problemen bij NSC blijft JSC achter de oorspronkelijke uitgangspunten van de partij staan. Volgens Janssen zijn de problemen waarvoor NSC werd opgericht niet verdwenen. 

“Sterker nog, sommige problemen zijn alleen groter geworden”, schrijft hij. Volgens Janssen richt het politieke debat zich te veel op wat er in Den Haag zelf gebeurt. Daarmee ziet hij nog altijd ruimte voor de ideeën waarmee NSC in 2023 aan zijn politieke opmars begon. 

De onrust binnen de moederpartij heeft wel invloed op de motivatie van jongerenleden. Toch zegt Janssen dat JSC nog altijd op betrokken leden kan rekenen. “Gelukkig hebben wij een trouwe schare leden die zeer betrokken zijn met het gedachtegoed van de partij waarvoor we zijn opgericht en zijn we nog altijd gemotiveerd om dit uit te dragen.” 

Voor JSC betekent de huidige situatie dus niet dat de oorspronkelijke idealen hun waarde hebben verloren. De jongerenorganisatie wil zich blijven inzetten voor die uitgangspunten, ook nu NSC geen gekozen volksvertegenwoordigers meer heeft. Tegelijkertijd staat de partij voor de uitdaging om duidelijk te maken hoe zij haar ideeën in de toekomst politiek wil blijven vertegenwoordigen. 

Wat blijft er over van NSC? 

Zonder volksvertegenwoordigers is NSC een belangrijk deel van zijn zichtbaarheid en invloed in de landelijke politiek kwijt. De partij kan niet meer via eigen Kamerleden deelnemen aan debatten in de Tweede Kamer. Daarmee wordt het lastiger om de eigen standpunten rechtstreeks onder de aandacht te brengen en invloed uit te oefenen op politieke besluitvorming. 

De toekomst van NSC hangt daarom niet alleen af van het gedachtegoed waarmee de partij ooit groot werd, maar ook van de keuzes die de organisatie de komende tijd maakt. Hoe wil NSC zich opnieuw positioneren en hoe kan de partij het vertrouwen van kiezers terugwinnen? 

JSC blijft ondertussen geloven dat de ideeën achter NSC relevant zijn. Of die overtuiging op termijn ook kan bijdragen aan een nieuwe politieke toekomst voor de moederpartij, is nog onduidelijk. Voorlopig is vooral de vraag hoe NSC zich herstelt van de interne verdeeldheid en het verlies van zijn laatste volksvertegenwoordiger. 

Voor 38 cent een pakje stroopwafels: beter dan die van de speciaalzaak?

Stroopwafels worden steeds goedkoper in de supermarkt. Voor slechts 38 cent per pakje liggen ze inmiddels in de schappen. Volgens expert Joep Smeet is dat om andere producten goedkoper te laten lijken. Maar proef je het verschil tussen een supermarktstroopwafel en die van een speciaalzaak, waar een pakje al snel 4,50 euro kost? Wij deden een blinde smaaktest in Tilburg. De deelnemers kregen twee bakjes voorgeschoteld: in het eerste bakje zat de dure stroopwafel, in het andere de goedkope. Maar welke viel het meest in de smaak?