Home Blog Pagina 4

Stichting Jeugdeducatiefonds roept om hulp Tweede Kamer 

Als kind keken we er ieder jaar naar uit, die welbekende schoolreisjes. Samen met je klasgenootjes naar een attractiepark, dierentuin of outdoor speeltuin. Deze jaarlijkse schoolactiviteit blijkt niet meer zo vanzelfsprekend te zijn voor ieder kind. Stichting Jeugdeducatiefonds wil deze ongelijkheid veranderen.  

Sinds 1 augustus 2021 staat wettelijk vast dat alle leerlingen ongeacht hun financiële thuissituatie moeten kunnen deelnemen aan de activiteiten die via hun school georganiseerd worden. Vandaag wordt er in de Tweede Kamer gedebatteerd over het eventuele aanscherpen van deze wet en de financiële steun die geboden wordt. Tijdens deze bijeenkomst zal de kwestie schoolreisjes en De Wet Ouderbijdrage centraal staan.  

Aanvraag financiële hulp stijgt 

Als gevolg van het invoeren van deze Wet Ouderbijdrage in 2021 merkt het Jeugdeducatiefonds dat het aantal aanvragen voor schoolactiviteiten extreem gestegen zijn vanuit basisscholen. Jeugdeducatiefonds is een landelijke stichting die de ontwikkelingskansen vergroot van kinderen in Nederland die opgroeien in Armoede. Deze stichting kwam gisteren naar buiten met informatie over de stijging van de aanvragen die jaarlijks gedaan worden voor hun financiële steun via basisscholen.  

Geldzorgen 

Uit cijfers waar deze stichting inzicht op heeft komt naar voren dat ouders, van basisschoolkinderen in dit geval, steeds minder ruimte hebben om vrije bijdrages te leveren aan de basisschool van hun kind. Deze daling van vrijwillige bijdrages komen voort uit de geldzorgen die steeds meer gezinnen ervaren. Ouders in kwestie geven aan steeds vaker moeite te hebben om een vrijwillige bijdrage te kunnen bieden voor deze schoolactiviteiten. Echter geven zij wel ook aan dat dit niet is omdat niet omdat zij dit niet willen, maar omdat het hen financieel niet lukt.  

Vraag om hulp 

‘Wij blijven scholen ondersteunen,’ zegt Mariëlle Arnoldus van het Jeugdeducatiefonds. ‘Maar als deze stijging doorzet, komt onvermijdelijk de vraag op tafel of wij de groeiende vraag nog kunnen blijven opvangen.’ Stichting Jeugdeducatiefonds roept hierom de Tweede Kamer op om extra te investeren in scholen waarbij geldzorgen een probleem is op het vlak van vrijwillige bijdrages ouders/verzorgers. 

De vraag die vandaag in Den Haag ligt, gaat uiteindelijk niet alleen over geld, maar vooral over de kansen die we kinderen willen meegeven. 

Tilburg werkt actief aan een koelere binnenstad

Uit een recent onderzoek van Klimaatverbond Nederland blijkt dat veel Nederlandse gemeenten nog niet volledig zijn voorbereid op extreme hitte. Maar hoe zit dat lokaal? “In Tilburg zijn we flink aan het vergroenen,” zegt beleidsmedewerker Water, natuur en klimaat Marieke Alberts van de gemeente Tilburg.

Een hitteplan is een handreiking voor gemeenten om te kunnen kijken welke aanpak er nodig is im een stad volledig ‘hitteproof’ te maken. Zo kan een stad hittebestendig worden gemaakt als er in het stedelijk gebied wordt vergroend, bijvoorbeeld door het planten van meer bomen en zorgen voor meer schaduwplekken om koelte te creeëren. 

“In de binnenstad van Tilburg hebben we veel bomen geplant, geveltuinen aangelegd en klimplanten tegen gevels geplaatst. Daar gaan we voorlopig mee door, ook in de wijken. Daarnaast hebben we straten versmald en groenvakken aangelegd, in combinatie met ondergrondse waterberging in o.a. de Stationsstraat, Willem II straat en Stadsforum. ” vertelt Alberts. Ook bij nieuwbouwprojecten worden eisen gesteld aan vergroening, wat onder meer leidt tot meer groene daken op locaties zoals Koningswei en het Louis Bouwmeesterplein.

De gemeente trekt jaarlijks 5 miljoen euro uit voor extra groen en het verbeteren van bestaande groengebieden. Door bijvoorbeeld meer bomen toe te voegen aan grasvelden ontstaan zogenaamde koelte-eilanden: plekken waar inwoners tijdens warme dagen verkoeling kunnen vinden.  In de binnenstad worden bovendien op verschillende locaties waterobjecten geplaatst. “We hebben op een paar plekken bedriegertjes geplaatst die op warme dagen vooral veel kinderen aantrekken om af te koelen.” 

De miljardenrace achter kunstmatige intelligentie

Een werkstuk laten schrijven door ChatGPT, aanbevolen video’s op YouTube bekijken of snel iets opzoeken via Google: voor veel jongeren is kunstmatige intelligentie nu een normaal onderdeel van hun leven. AI wordt steeds belangrijker. Dit blijkt uit een grote stap van Alphabet, het moederbedrijf van Google. Het techbedrijf wil 80 miljard dollar ophalen om verder te investeren in AI. Hiermee laat het bedrijf zien dat de strijd om de toekomst van AI volop bezig is.

Infrastructuur

Achter AI-systemen schuilt een enorme infrastructuur. Om AI-modellen te trainen en te gebruiken zijn krachtige chips, datacenters en veel energie nodig. Alphabet noemt kunstmatige intelligentie “een enorme verandering in de technologie van onze tijd”. Volgens Alphabet is er daarom heel veel geld nodig om te investeren. Dat heeft niet alleen te maken met technologie, maar ook met de concurrentie tussen grote techbedrijven. Die concurrentie maakt dat de bedrijven steeds meer geld uitgeven.

Om te begrijpen hoeveel geld dat is, kunnen we het vergelijken met andere grote uitgaven. Het Amerikaanse ruimteagentschap NASA heeft bijvoorbeeld een budget van ongeveer 24 miljard dollar in 2026. Dat klinkt als veel geld, maar het is maar een klein deel van het totale budget van de Amerikaanse overheid.

Grote techbedrijven zoals Alphabet, Microsoft en Meta geven samen veel meer geld uit aan kunstmatige intelligentie. Hun jaarlijkse uitgaven aan AI en datacenters zijn geschat op honderden miljarden dollars. Dat is soms zelfs meer dan het budget van historische projecten zoals het Apollo-ruimteprogramma.

In Europa wordt ook geïnvesteerd in technologie, maar op een veel kleinere schaal. De Europese Unie heeft een totale begroting van ongeveer 193 miljard euro in 2026. Een deel van dat geld gaat naar innovatie en digitale technologie, maar AI-projecten krijgen meestal maar een paar honderd miljoen tot een paar miljard euro. Er is een groot verschil tussen bedrijven en overheden. Overheden geven geld uit aan dingen die belangrijk zijn voor de hele maatschappij, zoals onderwijs, veiligheid en infrastructuur. Terwijl technologische bedrijven, volgens analyses van onder andere Reuters en investeringsbanken zoals Google, Microsoft, Meta en Amazon, het grootste deel van hun technologische investeringen besteden aan kunstmatige intelligentie en de bijbehorende infrastructuur.

Waarom kost AI zoveel geld?

Kunstmatige intelligentie kost veel geld door een combinatie van rekenkracht, hardware en energieverbruik, en omdat dit allemaal op grote schaal nodig is.

Ten eerste is het trainen van AI-modellen extreem duur. Dat gebeurt in grote datacenters met duizenden gespecialiseerde chips (GPU’s), en kan miljoenen tot zelfs honderden miljoenen dollars kosten. Deze chips zijn nodig omdat AI bestaat uit miljarden berekeningen die tegelijk moeten worden uitgevoerd.

Daarnaast kost het dagelijks gebruik van AI veel geld. Elke vraag die je aan een AI stelt, moet opnieuw worden berekend door hetzelfde zware model. Omdat er miljoenen mensen zijn die dit tegelijk doen, blijven de kosten maar stijgen. De apparatuur zelf is ook heel duur. AI-systemen hebben speciale chips nodig die soms wel tienduizenden euro’s per stuk kosten. Deze chips worden ook snel verouderd, waardoor bedrijven constant nieuwe apparatuur moeten aanschaffen.

Tot slot gebruiken de datacenters waar deze systemen in staan veel energie en moeten ze gekoeld worden. Dit levert extra kosten en elektriciteitsverbruik op.

Of AI zoveel geld waard is of dat het puur een hype is, wordt kritisch naar gekeken. Critici waarschuwen dat de enorme investeringen ook een vorm van ‘AI-hype’ kunnen zijn, waarbij bedrijven elkaar proberen te overtreffen zonder dat duidelijk is of alle toepassingen winstgevend worden, gedreven door de angst de boot te missen.

Concurrentie

De concurrentie tussen bedrijven speelt een belangrijke rol. Sinds de doorbraak van ChatGPT, investeren grote technologiebedrijven over de hele wereld veel geld in kunstmatige intelligentie. Ze willen niet achterblijven bij de andere bedrijven die ook in kunstmatige intelligentie investeren. Microsoft werkt samen met OpenAI en heeft veel geld gestoken in het gebruik van kunstmatige intelligentie in programma’s zoals Word, Excel en Bing. Google (Alphabet) ontwikkelt met Gemini zijn eigen AI-modellen om concurrerend te blijven met ChatGPT. Meta investeert op zijn beurt in open-source AI-modellen, zoals Llama, die vrij beschikbaar worden gemaakt om een bredere marktpositie op te bouwen. Ook andere bedrijven zoals Amazon investeren fors in AI voor hun cloudplatform AWS, dat door veel bedrijven wordt gebruikt om AI-systemen te draaien. Volgens BNR laat de investering van Alphabet zien dat het bedrijf zijn positie in deze wereldwijde AI-race wil behouden.

Impact op jongeren

Voor jongeren zijn de gevolgen waarschijnlijk dichterbij dan ze denken. AI wordt steeds vaker gebruikt voor diensten die dagelijks worden gebruikt, zoals de Google zoekmachine, YouTube en Google Gemini. Daardoor kan de manier waarop jongeren informatie vinden, leren en online werken de komende jaren verder veranderen. Er is een grotere kans dat mensen minder vaak zelf bronnen vergelijken wanneer er gebruik wordt gemaakt van een AI-tool, omdat direct antwoord krijgen sneller en simpeler werkt. Een voorbeeld hiervan is dat leerlingen AI gebruiken om snel samenvattingen te maken of om hulp te krijgen bij huiswerk. In plaats van zelf informatie op te zoeken en verschillende bronnen te vergelijken, krijgen ze direct een kant-en-klaar antwoord. Dit kan ervoor zorgen dat jongeren minder oefenen met kritisch denken en het beoordelen van informatiebronnen.

Kunstmatige intelligentie ontwikkelt zich in een enorm tempo en vraagt om investeringen op een schaal die we nog niet eerder hebben gezien. Grote techbedrijven investeren miljarden in de wereldwijde AI-race, om niet achterop te raken. Overheden doen ook hun best om mee te komen, maar hebben minder geld beschikbaar. Dit laat zien hoe belangrijk kunstmatige intelligentie tegenwoordig is. Maar het roept ook veel vragen op. Wat zijn bijvoorbeeld de kosten van al deze ontwikkelingen? Hebben grote techbedrijven te veel macht? En hoe beïnvloedt dit ons dagelijks leven, vooral dat van jonge mensen? AI biedt veel kansen, maar maakt ons ook steeds afhankelijker van technologie. Hoe deze balans eruit gaat zien, zal bepalen welke rol AI in de toekomst speelt.

Sporten na trauma helpt, maar is geen therapie: ‘Het geeft geen herstel’

Hardloopster Sameena van der Mijden begint vandaag aan haar Ultrarun van Nederland naar Roemenië. Tijdens haar tocht van ruim 2000 kilometer maakt ze een documentaire om meer aandacht te vragen voor loverboys waar ze zelf in het verleden slachtoffer van is geweest. Haar persoonlijke verhaal is al verteld, maar haar actie roept een bredere vraag op: Kan sporten, zoals hardlopen, als een vorm van therapie worden gezien?

Hart van Nederland quote in een interview met Van der Mijden: ‘Één ding dat hielp bij het afstand nemen van haar pooier was hardlopen. “Je kon je hoofd leegmaken. Ik gooide alles eruit, dat was heel fijn”,’ aldus Van der Mijden.

Ook in een interview aan de Linda vertelt Sameena over de periode nadat ze was ontsnapt aan haar loverboy. Daarin vertelt ze: ‘Ik vond het, zeker die eerste periode, heel lastig om over mijn gevoel te praten. Daarom begon ik in eerste instantie met dingen opschrijven. Dat gaf me al een ander perspectief, maar wat me uiteindelijk écht heeft geholpen, is hardlopen. Ik kon al mijn woede en frustratie daarin kwijt, waardoor ik meer ruimte kreeg in mijn hoofd. En het gaf me meer zelfvertrouwen.’ Volgens Van der Mijden waren dat de eerste ‘succesjes’ van een duw in de goede richting. 

Geen herstel

‘Wanneer mensen zeggen dat ze hun hoofd leegmaken door te sporten, kan dat betekenen dat hun spanning afneemt of dat hun stemming verbetert. Beweging kan helpen bij het reguleren van spanning en ervoor zorgen dat mensen meer in het hier-en-nu komen. Juist bij trauma, waarbij het stresssysteem vaak verhoogd actief is, kan beweging helpen om die lichamelijke spanning kwijt te raken en beter te reguleren,’ zegt docent bewegen en mentaal welzijn Minke van de Kamp. Volgens haar kan beweging een belangrijke bijdrage leveren aan het herstelproces.

Toch waarschuwt Van de Kamp dat sporten niet automatisch gelijkstaat aan verwerking. ‘Sporten kan ook een vorm van vermijding zijn: sommige mensen gebruiken het om niet stil te hoeven staan bij zichzelf of hun klachten.’ vertelt ze. 

Volgens traumapsycholoog Syl Oude Egberink geeft sport geen herstel. ‘Elke keer als je getriggerd wordt door het trauma, zal je lichaam eerst het fysieke gedeelte willen oplossen, bijvoorbeeld door te gaan sporten. Oude Egberink legt uit dat een persoon dan eigenlijk probeert niet te dealen met de gevoelens die door het trauma naar boven komen en daar los je het onderliggende probleem niet mee op. ‘Het vermijden zorgt er eigenlijk voor dat je nog meer controle probeert te krijgen die je uiteindelijk niet hebt. Dat werkt als een olievlek en breidt zich alleen maar uit.’ 

Controle terugpakken

Dat sport na een trauma toch aantrekkelijk kan zijn, heeft volgens Van de Kamp veel te maken met controle. ‘Na trauma kunnen ervaringen van controleverlies sterk aanwezig zijn. Bijvoorbeeld door herbelevingen of plotselinge stressreacties. Mensen zoeken dan houvast in dingen die ze wél kunnen sturen, zoals sportgedrag. ‘Dat is in principe positief, zolang het flexibel blijft en niet doorslaat in dwangmatigheid.’ 

Het verschil zit volgens beide deskundigen vooral in de functie die sport krijgt. Wordt beweging gebruikt als ondersteuning van herstel of juist om emoties uit de weg te gaan?

‘Sport is een gezonde manier om met spanning om te gaan’, zegt Oude Egberink, ‘maar als je het gebruikt om niet met je emoties bezig te hoeven zijn, ben je in feite aan het vermijden. Gebruik je het om jezelf beter te reguleren naast een behandeling, dan kan het wel heel helpend zijn.’ 

Herstel vraagt ook om rust

Daarom is volgens Van de Kamp niet alleen beweging belangrijk, maar ook herstel. Over de grenzen gaan is juist niet helpend en kan klachten verergeren. Dosering is belangrijk, dus zorg voor voldoende afwisseling tussen inspanning en herstel.’ 

Mensen die herstellen van een trauma doen er volgens haar goed aan om te leren luisteren naar hun lichaam. Signalen van spanning, vermoeidheid en herstel serieus nemen, helpt om weer verbinding te maken met zichzelf.  ‘Op die manier kan beweging niet alleen bijdragen aan fysieke gezondheid, maar ook aan psychisch herstel.’ 

Stien herstelt van burn-out in haar studentenhuis: “Het is goed om sociale contacten op te bouwen.”

0

Het is de Week van de Mentale Gezondheid, met als thema ‘overbruggen’. Volgens de initiatiefnemers van Missie Mentaal wordt mentale gezondheid nog te vaak gezien als een probleem van de zorg, terwijl juist ook scholen, werkgevers, vrienden en familie een belangrijke rol spelen. Maar hoe ziet dat er in de praktijk uit? Verslaggever Eva de Witte sprak met een jonge vrouw die herstelt van een burn-out en vroeg een psycholoog waarom verbinding zo belangrijk is voor onze mentale gezondheid. We stappen in het kleurrijke huis van Stien van Schie, waar ze tussen de stickers, foto’s en feestelijke antributen en drukte herstellende is van een burnout.

AI-transitie Eist Zijn Tol: Meta AI Assisteert Hackers

Hackers wisten afgelopen zondag, via de AI-assistent van Meta, in te breken bij meerdere prominente Instagramaccounts. Voormalig president Barack Obama en een Amerikaanse onderofficier, John F. Bentivegna, moesten het ontgelden; de hackers verspreidde in hun naam pro-Iraanse propaganda. Meta zegt niets over de omvang van de hack.

Met Meta AI wisten de onbekende hackers inloggegevens op te vragen. Bij het aanvragen van een herstelcode om het accountwachtwoord te wijzigen, ontvangen gebruikers deze via het gekoppelde e-mailadres of telefoonnummer. Maar door aan de digitale assistent te vragen deze code naar een ‘nieuw’ e-mailadres te sturen, werd de tweestapsverificatie omzeilt.

De AI-transitie

Vorige maand stuurde Meta bijna 8000 werknemers spontaan de laan uit, als onderdeel van een massale reorganisatie. Het Indiase mediaplatform ‘The Hans India’ meldt dat deze koerswijziging zich richt op het stroomlijnen van de beleidsprocessen en het integreren van AI-modellen.

Brian Westnedge, van cyberveiligheidsbedrijf Red Sift, wijst bij MSN op de aanhoudende kritiek richting Meta voor het vervangen van menselijke ondersteuning. Westnedge stelt dat de hack het gevolg is van een fundamentele tekortkoming in het ontwerp: “Het model kreeg bevoegdheden toegekend zonder dat er controles waren ingesteld.”

Volgens The Guardian zijn de zorgen rondom de implementatie van AI-systemen dankzij deze hack verder toegenomen. Meta-woordvoerder Andy Stone laat via X weten dat het bedrijf het lek heeft gedicht.

Veel interesse in Sociaal Werk, maar tekort aan stageplekken vormt uitdaging 

Uit recente cijfers van het CBS blijkt dat eind 2025 de branche 71.400 werknemers telde, bijna 7 procent meer dan een jaar eerder. Toch betekent dat niet dat het voor opleidingen eenvoudiger wordt om studenten op te leiden. Juist het tekort aan stageplekken zorgt voor grote uitdagingen binnen het MBO sociaal werken onderwijs. 

Thomas Haaren, docent Sociaal Werk bij Curio in Breda, vertelt dat steeds meer jongeren kiezen voor een opleiding in de sociale sector. “Ik denk dat er veel jongeren iets sociaals willen doen, iets met betekenis. Maar dat ze niet aan het bed willen staan.”  

De populariteit van deze studies is zo groot dat er al langer een numerus fixus geldt voor de opleiding Sociaal Werk. Sinds dit studiejaar heeft ook de opleiding Maatschappelijke Zorg een maximumaantal studenten ingesteld. 

De reden daarvoor is niet het gebrek aan werkgelegenheid, maar een tekort aan stageplaatsen. Om een diploma te behalen moeten studenten praktijkervaring opdoen, maar zorg- en welzijnsorganisaties hebben steeds meer moeite om voldoende stageplekken aan te bieden voor MBO-studenten. Hierdoor kunnen opleidingen niet onbeperkt nieuwe studenten toelaten. Thomas verklaart: “Daarin is de politiek ook belangrijk, want wat voor keuzes maakt de gemeenteraad? Waar investeren zij in? Investeert de gemeente liever in boa’s dan in preventie, dan betekend dat er minder sociaal werkers in je gemeente zullen gaan werken.”  Volgens Haaren krijgen aankomende studenten daardoor soms een verkeerd beeld van de sector. Het nieuws over stageproblemen kan de indruk wekken dat er weinig toekomstperspectief is, terwijl het tegenovergestelde waar is. 

Nieuwe werknemers in het sociaal werk komen vaak van buiten de zorg- en welzijnssector. Bijna zeven op de tien instromers waren eind 2025 afkomstig uit een andere sector, vooral de zakelijke dienstverlening en handel. Ondanks de problemen rond stageplaatsen zijn de vooruitzichten voor afgestudeerden gunstig. Wie een diploma behaalt in het sociaal domein, kan vaak snel aan de slag.  

Van karten naar ‘golden boy’ van Ferrari: Het verhaal van F1 coureur Charles Leclerc

0

Vandaag heeft Ferrari bekendgemaakt dat zij het contract van hun ‘golden boy’ Charles Leclerc verlengen. Zowel Leclerc als het team laten weten in een statument blij te zijn met het voortzetten van de samenwerking. Maar wie is Charles Leclerc en hoe is hij geëindigd bij het team dat hij zijn tweede thuis noemt?

Charles Marc Herve Perceval Leclerc is geboren op 16 oktober 1997 in Monte Carlo (Monaco) als zoon van Herve en Pascale Leclerc. Hij is de middelste van drie zonen. Van jongs af wist Leclerc al dat hij een racer wilde worden. Het was dan ook geen verrassing toen Charles op 3 jarige leeftijd achter het stuur kroop van een kart. Daarna is hij nooit meer gestopt met racen.

Het begin van zijn race carrière
Hij is dan ook op 5 jarige leeftijd begonnen met kartwedstrijden. In zijn kart carrière is hij al vaak de strijd aangegaan met coureurs waar hij tot op de dag van vandaag nog tegen racet. Denk hierbij aan bijvoorbeeld een Max Verstappen. Tijdens zijn kart carrière leerde hij Jules Bianchi kennen die later een van zijn beste vrienden zou worden. Op 13 jarige leeftijd tekende Leclerc door hulp van Bianchi bij het team van Nicolas Todt.

De weg naar FerrariIn 2014 stapte Leclerc over naar de formule klasse waar hij in zijn eerste jaar als tweede eindigde in het kampioenschap. Het seizoen daarna hield hij deze racersmentaliteit vast en dat bezorgde hem een plekje in de Ferrari Academy. Hierdoor kreeg hij de kans om te rijden voor topteams binnen de GP3 en F2. Echter was dit van korte duur want in 2018 tekende de coureur zijn contract bij het F1 team van Alfa Romeo Sauber. Hier presteerde hij tijdens zijn debuutseizoen zo goed dat in 2019 Ferrari besloot de jonge coureur naar hun team te halen.
Dit was voor Leclerc een droom die uitkwam. Op zijn website vertelt hij namelijk het volgende: “Als kind koos ik altijd het rode autootje om mee te spelen. Toen Ferrari mij koos als een van hun coureurs was dat een droom die uitkwam.”

Tot op de dag van vandaag is Leclerc de ‘golden boy’ van Ferrari. Met het verlengen van zijn contract hopen zowel hij als het team dat dat nog lang zo blijft.

Wereld Hardloopdag onderstreept trend: hardlopen wordt steeds socialer

Twintig hardlopers verzamelden zich maandagavond bij BeweegR in het Tilburgse Spoorpark voor de eerste editie van JARI’s Runclub. Deelnemers kwamen niet alleen om te sporten, maar ook om nieuwe mensen te ontmoeten. Daarmee speelt de nieuwe loopgroep in op een bredere ontwikkeling waarbij hardlopen steeds vaker draait om verbinding en gemeenschap.

Onder de deelnemers bevindt zich iemand die onlangs naar Tilburg verhuisde. Hij hoorde pas die middag over de runclub.

“Mijn vriendin stuurde het door. Ik woon hier net en wil nieuwe mensen leren kennen.

De runclub is een initiatief van de 23-jarige Tilburger Jair Lubbers. Hij liep al jaren rond met het idee om een eigen loopgroep op te zetten. “Ik wil iets opbouwen waarin alles samenkomt wat ik leuk vind: hardlopen, mensen verbinden en evenementen organiseren. Met een runclub wil ik laten zien hoe leuk het is om samen te rennen en anderen inspireren om meer uit zichzelf én het leven te halen.”

Dat deelnemers juist voor de sociale kant van het hardlopen kiezen, is volgens hardloopexpert Rob Veer geen verrassing. Hij ziet dat de populariteit van hardlopen al jaren groeit, maar spreekt niet van een tijdelijke hype. “De ontwikkeling duurt al zo lang dat ik het geen hype zou noemen. Waar hardlopen vroeger vaker draaide om prestaties, zie je nu ook een grote groep die loopt voor gezondheid, plezier en ontmoeting.”

Volgens Veer verklaren die veranderende motivaties ook de opkomst van runclubs. “Samen lopen voelt vaak makkelijker dan alleen. Bovendien is het een goede manier om nieuwe contacten te leggen.”

Psychologie achter runclubs

Sportpsycholoog en bewegingswetenschapper Afke van de Wouw ziet dat steeds meer lopers er bewust voor kiezen om in een groep te lopen. Volgens haar komt dat doordat mensen steeds meer behoefte hebben aan contact en verbondenheid.  “In een loopgroep voel je je onderdeel van een geheel, wordt er op je gerekend en motiveer je elkaar om te blijven bewegen. Daardoor ontstaan er vaak ook vriendschappen die verder gaan dan alleen hardlopen.” Van der Wouw haar onderzoek bevestigt dat effect. Zo blijkt uit data van looptrainingen dat mensen in groepsverband gemiddeld langer lopen dan solo, ongeveer 42 minuten tegenover 36 minuten. 

Tijdens de eerste editie van JARI’s Runclub was die sociale insteek zichtbaar. Jair hield onderweg contact met de achterste lopers en informeerde regelmatig hoe het met iedereen ging.

“Hardlopen is vaak een eenzame sport. Daar wil ik verandering in brengen.”

Thomas de Boer bekendgemaakt als nieuwe president-directeur Shell

Per 1 september komt Thomas de Boer aan het roer bij Shell. Huidig topman Frans Everts legt zijn functie neer en wordt dus opgevolgd door de Boer. Everts stond sinds 1 april 2023 aan het roer van Shell Nederland en neemt na een loopbaan van 37 jaar afscheid van het bedrijf en heeft groot vertrouwen in zijn opvolger.

“Ik zie enorme kansen voor Shell, voor Nederland en voor de Nederlandse industrie. Een duurzame industrie en betrouwbare energievoorziening zijn cruciaal voor de transitie en onze strategische onafhankelijkheid als land. Hier hebben we als Shell een belangrijke rol te spelen en daar zet ik me de komende jaren graag voor in,” aldus De Boer.

De Boer werkt sinds 2001 bij Shell en is momenteel vicepresident van de divisie Biogas. In die functie was hij onder meer verantwoordelijk voor de integratie van het Deense dochterbedrijf Nature Energy. Eerder bekleedde hij verschillende functies voor Shell in Rotterdam, Londen en San Francisco. 

Everts kijkt naar eigen zeggen met trots en voldoening terug op zijn periode bij Shell Nederland. Volgens hem speelt het bedrijf een belangrijke rol in zowel de Nederlandse energievoorziening als de energietransitie. “We zorgen ervoor dat Nederland warm blijft, bedrijven kunnen draaien en mensen zich kunnen verplaatsen. Met de aanwezige kennis, financiële middelen en samenwerkingen hebben we volgens mij alles in huis om de energietransitie succesvol vorm te geven. Ik heb er vertrouwen in dat Thomas de Boer met zijn ervaring en achtergrond daar een belangrijke bijdrage aan zal leveren,” aldus Everts.

Volgens Shell ziet De Boer grote kansen in de energietransitie waar Nederland voor staat. Het bedrijf stelt dat Nederland goed gepositioneerd is om die transitie te laten slagen en noemt De Boer daarvoor: “De juiste man op de juiste plaats”.