In Zeeland is het kreeftenseizoen ingeluid met een speciaal kreeftendiner. De eerste vangst van het jaar is verwerkt in allerlei visgerechten. Lekker voor de bezoekers, maar vissers en onderzoekers zien een ander probleem. Het gaat namelijk al een aantal jaar niet zo goed met de kreeften in de Oosterschelde.
Dalende kijkcijfers Passion en terugkomst van muziek Borsato
Aanstaande donderdag is het weer zover: de jaarlijkse Passion. Het tv-programma trekt jaarlijks miljoenen kijkers. Hoewel het programma voor veel kijkcijfers zorgt, is er toch sprake geweest van een daling van het aantal mensen dat op Witte Donderdag klaarzit voor de televisie voor The Passion. Hoe zal het dit jaar gaan met de kijkcijfers voor het programma en heeft de terugkomst van de muziek van Marco Borsato nog invloed hierop?
Het aantal kijkcijfers van 2025 is vergeleken met 2024 van 2,5 miljoen naar 2,2 miljoen gedaald. Ook waren er in 2025 837.000 kijkers die het programma op een later moment terugkijken. 2015 was het beste jaar voor de Passion. Deze editie trok namelijk 3,5 miljoen kijkers. Ondanks dat er het jaarlijks veel kijkers trekt, is er toch sprake van een daling. Evert Bronkhorst, deskundige op het gebied van kijkcijfers en televisie, vertelt hierover.
Factoren aantal kijkcijfers
Het feit dat minder mensen naar het programma kijken, heeft met meerdere factoren te maken. Zo kan het weer invloed hebben op kijkgedrag. Als het mooier weer is, wordt er ook later televisie gekeken. Ook worden er veel snippets op sociale media gepost, waardoor mensen daar eerder naar willen kijken in plaats van het hele programma. “Die mensen gaan dan dus niet het hele verhaal kijken, want die horen dan hele enthousiaste verhalen over een nummer dat iemand gezongen heeft.’’ geeft Evert Bronkhorst aan.
Afgelopen jaren was er ook kritiek op het programma door het aantal nummers dat onbekend was voor het publiek in The Passion. Mensen herkennen het nummer niet gelijk. “En alleen al om die reden is het heel slim dat ze nu weer een Borsato nummer nu weer toegevoegd hebben.’’
Terugkomst Borsato
Volgens Evert Bronkhorst heeft de terugkomst van de muziek van Borsato in de Passion geen verdere gevolgen voor de kijkcijfers. “Mensen gaan gewoon dat nummer op de socials en YouTube opzoeken zodra het afgelopen is om even te zien wat er van gedaan is. Het zal geen 500.000 kijkers meer opleveren, daar geloof ik niks van.’’ Wat wellicht wel voor meer kijkcijfers kan gaan zorgen is als Borsato volgend jaar meedoet in de Passion. Hetzelfde geldt ook voor de bekendheid van de andere acteurs die meedoen aan het programma. “De aantrekkelijkheid van de nummers en artiesten dat geeft ook een drive aan het programma.’’
Kleine locatie
Dit jaar wordt de Passion gehouden in Dwingeloo. Het is voor het eerst dat het in een klein dorp wordt gehouden. “Dat kan juist mensen aantrekken, omdat ze wel benieuwd zijn of daardoor de sfeer wat anders wordt, dan wanneer je het in een grote stad doet. Het kan ook zijn dat mensen denken dat het minder massaal zal zijn en dan is het misschien ook minder aantrekkelijk om te zien”, aldus Evert Bronkhorst.
Belang van Passion
De daling zorgt voor minder kijkcijfers bij het programma, maar toch blijft het programma erg belangrijk voor Nederlanders. Witte Donderdag is bij mensen wat minder bekend dan Pasen zelf. Vandaar dat het wordt uitgelegd naar aanleiding van het Goede Vrijdag verhaal “Het is gewoon een belangrijke feestdag die ook voor steeds minder mensen inhoudelijke kennis heeft. Zo kan het op deze manier gewoon duidelijk worden gemaakt wat er op die dag gebeurt en wat Pasen inhoudt.’’ vertelt Evert Bronkhorst.
Ook voor de Passion zelf is het belangrijk dat programma wordt uitgezonden. “Een programma dat boven de miljoen kijkcijfers halen zijn best wel beperkt. Je zag vorig jaar bijna 2.2 miljoen kijkers en dat is nog steeds gewoon een heel hoog aantal. Er zijn weinig programma’s van de publieke omroep die bij de wat jongere doelgroep zulke cijfers halen, Wie is de Mol is ongeveer de uitzondering.’’
Petitie WK-boycot kan ertoe leiden dat koning Willem-Alexander niet naar VS afreist: “Het is de vraag of de Tweede Kamer daar achter staat”
Televisiemaker Teun van de Keuken overhandigde dinsdag een petitie aan enkele Tweede Kamerleden om het WK 2026 te boycotten namens Nederland. De petitie, naar aanleiding van het ‘terreurbeleid van Donald Trump’, is inmiddels ruim 170.000 keer ondertekend. Toch verwacht sporthistoricus Jurryt van de Vooren niet dat Oranje thuisblijft tijdens het eindtoernooi. Van Vooren schetst wel het scenario van een middenweg, waarbij Koning Willem-Alexander niet zal afreizen naar de Verenigde Staten. “Het is de vraag of de Tweede Kamer daar achter staat.”
“Boycot het Trump-WK.” Die tekst stond op het bord dat Van der Keuken overhandigde aan enkele leden van de Tweede Kamer. “Het feit dat zij de petitie aannemen, wil nog niet zeggen dat zij het ermee eens zijn”, weet Van de Vooren, die in 2022 zelf een petitie aanleverde tegen het WK voetbal in Qatar. “Het is wel de bedoeling dat dit een aanleiding is voor een debat in de Kamer, omdat op deze manier kenbaar wordt dat deze kwestie speelt in de maatschappij.”
Toch ligt de definitieve beslissing uiteindelijk bij de KNVB. “De kans dat het Nederlands elftal hierdoor niet mee mag doen aan het WK is nihil, want daar gaat de Tweede Kamer niet over. Dat zou hetzelfde zijn als dat de Kamer zou beslissen dat het morgen mooi weer wordt: Kamerleden kunnen er heel lang over discussiëren, maar het besluit zal geen invloed hebben op de daadwerkelijke kwestie.” Wil Van de Keuken zijn zin krijgen, moet er wel een hele grote gebeurtenis plaatsvinden in de wereldorde, volgens Van de Vooren. “Neem de situatie rondom Groenland, de Verenigde Staten en Denemarken: mocht Trump halsoverkop Groenland bezetten, dan zouden Europese landen zich terug kunnen trekken uit het toernooi. Maar dat lijkt me onwaarschijnlijk.”
Volgens Van de Vooren ligt een alternatief voor een WK-boycot meer voor de hand. “Wat wel besproken kan worden in de Tweede Kamer, is of koning Willem-Alexander naar de Verenigde Staten af hoort te reizen.” Voorlopig speelt Oranje louter op Amerikaanse bodem tijdens het WK, aangezien al haar groepswedstrijden daar plaatsvinden. “De Tweede Kamer kan een standpunt innemen waarbij het niet wil dat het staatshoofd naar de VS afreist; Mexico en Canada in een verder stadium in het toernooi daar buiten gelaten.” De ministers en de koning hebben hierin altijd nog het laatste woord, maar de Kamer kan wel degelijk druk uitoefenen. “Als de Kamer een meerderheid creëert, zouden de ministers en de koning publiekelijk tegen deze motie in moeten gaan, wil Willem-Alexander toch de groepswedstrijden van het Nederlands elftal bezoeken.”
“Het aantal van 170.000 handtekeningen is historisch veel”
Qatar 2022 en Argentinië 1978
Vier jaar geleden startte Van de Vooren zelf een vergelijkbare petitie. “Niet om het WK te boycotten, maar om het te verplaatsen naar een ander land dan Qatar.” Die petitie werd 20.000 keer ondertekend. “Marianne van Leeuwen, directeur betaald voetbal van de KNVB, kwam netjes naar het Olympisch Stadion en nam de petitie in ontvangst; zoals het hoort.” Desondanks ving de sporthistoricus bot. Zijn aanbod werd van tafel geschoven. “Een eerder voorbeeld was de handtekeningenactie om het WK 1978 in Argentinië te boycotten. Freek de Jonge en Bram Vermeulen werden toen door 40.000 mensen gesteund. Zo zie je maar dat het aantal van 170.000 handtekeningen historisch veel is voor een petitie voor een WK-boycot.”
Overigens reisde het koningshuis in 1978 niet af naar Zuid-Amerika om de wedstrijden van Nederland bij te wonen op het historische toernooi, waarbij Oranje uiteindelijk de finale van het gastland verloor. Destijds kwam de boycot voort uit de ernstige mensenrechtenschendingen door het militaire regime in Argentinië. “Ondanks dat zij wereldkampioen werden, verliep het WK anders dan de Argentijnse regering had gehoopt. Dankzij dat toernooi werd in de Westerse wereld duidelijk dat Argentinië destijds een vreselijk land was vanwege de mensenrechtensituatie.”
Aandacht
Ondanks de in verhouding vele handtekeningen, voorziet Van de Vooren dat bondscoach Ronald Koeman en de zijnen in de zomer naar Noord-Amerika zullen trekken. Maar volgens de sporthistoricus, regelmatig betrokken bij wereldkampioenschappen voetbal, dient een dergelijke actie een dieper doel dan het niet laten doorgaan van een WK. “Het gaat Van der Keuken, en anderen die zo’n petitie starten, voornamelijk om het werven van aandacht voor de kwestie. Zo heeft men het af en toe nog steeds over het initiatief om het Nederlands elftal niet naar Argentinië te laten gaan in 1978.”
Oorlogscorrespondentie, een vak apart: ‘’Het hele land ging ineens op slot’’
Hoe lastig is het voor buitenlandcorrespondenten om hun werk uit te voeren als je omgeving een slagveld is en de brokstukken je om de oren vliegen? Journalistiek bedrijven anno 2026 gaat niet zonder risico’s. Toenemende conflicten in het buitenland maken het uitvoeren van objectieve verslaggeving uitdagend en soms zelfs gevaarlijk. Twee oorlogscorrespondenten doen hún verhaal.
Een journalist die goed op de hoogte is van de huidige situatie in het Midden-Oosten is Kaja Bouman. Na haar studie in Jeruzalem werkte zij tot 2020 als buitenlandcorrespondent in de regio. Sindsdien volgt zij de ontwikkelingen op de voet vanuit Nederland. Voor westerse journalisten is het volgens Bouman nog relatief veilig om hun werk te doen in een land als Israël. “Het land wil ook laten zien hoe normaal en veilig het is”, legt ze uit. Israël heeft er volgens haar dan ook belang bij om internationale journalisten toe te laten.
Tegelijkertijd benadrukt Bouman dat de veiligheidssituatie sterk verschilt per land in het Midden-Oosten. “Wie naar Libanon gaat, heeft met andere risico’s te maken dan iemand die in Israël of Iran werkt.” In Libanon speelt vooral het directe oorlogsgeweld een rol, terwijl het in Iran juist moeilijk is om vrij te werken en journalisten risico lopen om het land uitgezet te worden. In Israël zelf hoeven westerse journalisten zich volgens Bouman over het algemeen weinig zorgen te maken, al is de bewegingsvrijheid in bijvoorbeeld de Westoever wel beperkter geworden.
Lokale verslaggevers
Dat geldt echter niet voor iedereen. Vooral Palestijnse journalisten lopen grote risico’s. “Er zijn journalisten gestopt omdat ze bang zijn doelwit te worden of omdat hun familie gevaar loopt”, aldus Bouman. Ze noemt het zorgwekkend dat journalisten in sommige gevallen daadwerkelijk als doelwit worden gezien.
Daarnaast zijn buitenlandse journalisten sterk afhankelijk van deze lokale verslaggevers, omdat zij zelf Gaza niet in kunnen. Wanneer Palestijnse journalisten hun werk niet meer kunnen doen, heeft dat directe gevolgen voor de berichtgeving. “Dan wordt het ook voor ons moeilijker om verhalen te maken”, legt Bouman uit.
Veel lokale journalisten blijven desondanks werken, vaak omdat het hun enige bron van inkomen is in een gebied waar weinig werk beschikbaar is en de kosten hoog zijn. Tegelijkertijd voelen zij ook een sterke verantwoordelijkheid om de situatie in Gaza zichtbaar te maken voor de rest van de wereld. Aldus Bouman.
Sovjetfascinatie
Als buitenlandcorrespondente heeft Eva Cukier inmiddels in vele landen gewoond en gewerkt, waaronder Rusland en Oekraïne. Ze groeide op in een klein dorpje boven Groningen, en ontwikkelde naar eigen zeggen al op vroege leeftijd een interesse voor de toenmalig Sovjetlanden. ‘’Dat ontstond heel toevallig’’, vertelt ze. ‘’Toen ik op vroege leeftijd hoorde dat mijn voorouders Russisch waren, raakte ik direct gefascineerd door het reusachtige en mysterieuze land, waarvan ik niets wist. Naarmate ik ouder werd, nam die fascinatie alsmaar toe.’’
Later bleek Cukier geen Russisch, maar Pools bloed te hebben. Het drukte haar passie voor Rusland allerminst. Ze volgde onder meer de universitaire studie ‘Russische linguïstiek’ in Groningen en specialiseerde zich verder in Tblisi en Berlijn. ‘’Toen had ik wel genoeg theoretische kennis opgedaan’’, aldus Cukier. ‘’Ik werkte bij Buitenlandse Zaken. In 2009 werd ik als diplomaat vanuit Den Haag uitgezonden naar Moskou, om daar te werken op de Nederlandse ambassade. Dat beviel me goed. Ik stond er in nauw contact met mensenrechtenorganisaties en werkte aan de onderlinge relaties tussen Rusland en Nederland.’’
Van diplomaat naar journalist
Het duurt tot 2014, als de Groningse haar (werk)leven omgooit. ‘’Dat gebeurde vrij abrupt. Toen in enkele maanden tijd de spanning hoog opliep tussen Rusland en Oekraïne veranderde ik – min of meer op de bonnefooi – van baan. Met relevante ontwikkelingen, waaronder het neerhalen van vlucht MH17 op Oekraïens grondgebied, merkte je een steeds groter-wordende behoefte vanuit Nederland aan taal- en regiokennis in het Oostblok, om zo het laatste nieuws te kunnen volgen.’’
En zo bevindt Cukier zich plots middenin het Russische journaille. Onder andere werkzaam voor Trouw en het NRC verslaat ze de laatste ontwikkelingen in Oost-Europa, waar op dat moment spanningen voelbaar zijn. ‘’In een periode waarbij oorlog dreigde, was het mijn taak om de Nederlander mee te nemen in alles wat hier afspeelde. Maar journalistiek bedrijven gaat er anders dan in Nederland. Zeker sinds de oorlog in 2022 officieel is uitgebroken, kom je als journalist nog lastig ergens binnen. In Oekraïne viel het in mijn tijd, voordat de oorlog begon, nog erg mee. Als je het hebt over het veilig kunnen uitvoeren van je werk, was Oekraïne daar een fijne plek voor. Er werden in elk geval geen journalisten links en rechts opgepakt en in de gevangenis gegooid’’, knipoogt Cukier. ‘’Alleen m’n Russische werkverleden werd er vaak niet op prijs gesteld. Dat lag er toen al erg gevoelig, en ligt tegenwoordig nóg veel gevoeliger.’’
Opgepakt
Het is in datzelfde Rusland, dat Eva Cukier te maken krijgt met iets waar menig buitenlandcorrespondent voor vreest: als ze in 2021 aanwezig is bij één van de vele demonstraties voor vrijlating van politicus Aleksej Navalny, wordt ze tijdens uitvoering van haar werk opgepakt. ‘’Ik was aanwezig bij het protest en volledig herkenbaar als journalist. Toch werd ik opgepakt door de politie. Op intimiderende wijze hebben officiers me toen ondervraagd over mijn aanwezigheid. Als journalist zou je op papier natuurlijk gewoon aanwezig mogen zijn een demonstratie. Maar in Rusland is dat geen zekerheid.’’
Uiteindelijk wordt de journaliste een paar uur vastgehouden, waarna ze het bureau mag verlaten. De plotselinge arrestatie gaat haar niet in de koude kleren zitten, vertelt ze. ‘’Het was erg indrukwekkend. Óók, omdat de intimidatie verder ging dan die paar uur fysiek op het bureau te zijn geweest. Maandenlang na de arrestatie kreeg ik telefoontjes en had ik politie aan m’n deur staan… Alles om duidelijk te maken dat wij als journalisten niet mogen schrijven over zaken die de autoriteit in een kwaad daglicht zetten.’’
De noodtelefoon
Bied men vanuit Nederland op enige manier steun voor journalisten als Eva en Kaja, die in het buitenland met onveiligheid te maken krijgen? ‘’Uiteindelijk doen we alles wat binnen onze macht ligt.’’ Dat zegt Paul Teixeira. Als secretaris bij de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) bekleedt hij meerdere functies, waaronder woordvoering rondom persvrijheid en ethisch handelen binnen journalistieke kwesties.
Op het gebied van veiligheid gebruikt de NVJ een aantal technieken, vertelt Teixeira. ‘’We hebben een noodtelefoon. Deze is 24/7 beschikbaar en is bedoeld voor collega’s in nood; zowel in binnen- als buitenland.’’
Toch blijkt de telefoon vooral populair te zijn onder binnenlandse correspondenten. ‘’De meeste belletjes zijn afkomstig uit Nederland. Vanuit het buitenland worden we af en toe gebeld, maar zeker niet op dagelijkse basis.’’
Bescherming voor journalisten
Ook op praktisch kan de vereniging zijn leden beschermen. ‘’We geven adviezen over allerlei uiteenlopende zaken. Laatst werd ik via de noodtelefoon opgebeld door een fotojournalist. Hij zat in de trein en was onderweg naar Oekraïne, om daar een fotoreportage te maken. Deze journalist vroeg zich af, of zijn ANWB-reisverzekering voldoende was om aan het front z’n werk uit te voeren. Als je camera aan gort wordt geschoten, kom je met zo’n verzekering niet ver, zei ik hem.’’ Teixeira vervolgt: ‘’Dus heb ik de juiste verzekering voor hem afgesloten. Vanuit de NVJ werken we samen met een aantal verzekeraars die gespecialiseerd zijn in conflictsituaties.’’
Onder het motto ‘voorkomen is beter dan genezen’, probeert de NVJ waar mogelijk om journalisten klaar te stomen voor hetgeen hen te wachten staat in een oorlogsgebied. ‘’Wij hebben verschillende veiligheidstrainingen voor journalisten die daar behoefte voor voelen. De meest intensieve zijn specifiek ingericht voor oorlogsgebieden. Bedreigingen, gijzelingen, hoe te reageren als er een geweer tegen je hoofd wordt gedrukt. Levensecht nagespeeld.’’
Teruggaan nog geen mogelijkheid
Voor Cukier zal het niet zo ver komen: in 2023 keert zij terug naar Nederland. Ruim een jaar na uitbraak van de oorlog, vindt werkgever NRC het ‘onverstandig aangaande toenemende onveiligheid van werkomstandigheden om langer correspondentie te verlenen vanuit Rusland.’
‘’Het was als een stolp die over het land heen kwam, waaruit alle lucht werd getrokken’’, omschrijft de correspondent het begin van de oorlog door haar ogen vanuit Moskou. ‘’Je leefde in een parallel universum. De prijzen gingen omhoog en er heerste onder de bevolking ontzettend veel angst. Veel Russen vluchtten toen naar andere landen toe, om zo niet onder de censuur vanuit de overheid te hoeven leven. Uiteindelijk deed ik hetzelfde.’’
Nog altijd schrijft ze over het nieuws in Rusland en Oekraïne, maar tegenwoordig dus vanuit de heimat. ‘’Ik houd warme gevoelens over aan m’n tijd in de twee landen. Nog altijd volg ik voor m’n werk de allerlaatste ontwikkelingen. Dat doe ik vooral door veel te bellen naar Kiev en Moskou. In die steden wonen nog steeds veel collega’s van Cukier. ‘’In de loop van de tijd heb ik veel collega’s en vriendinnen leren kennen. Als ik nu nieuws nodig heb, bel ik met hen over de laatste ontwikkelingen. Zo blijf ik op de hoogte van het relevante en weet ik direct of m’n vrienden nog veilig zijn.’’
Week van het Geld: hbo- en universiteitsstudenten worden buitengesloten
Het is de Week van het Geld, alle zaken omtrent geld worden deze week besproken op basis-, middelbare en mbo-scholen. Toch is er ook iets opvallends aan de hand: een belangrijke groep studenten wordt niet meegenomen in deze leerzame week, waarin veel aan bod komt op financieel gebied: studenten die op het hbo of de universiteit zitten.
Sinds 2011 wordt de Week van het Geld elk jaar in maart georganiseerd, met de gedachte dat jongeren leren omgaan met hun financiële zaken. Waar het begon met basisscholieren, werden na veel vraag en interesse in de lessen en cursussen in 2022 ook mbo-scholieren toegevoegd. Sinds 2024 worden tevens lessen aangeboden voor middelbare scholieren. Hbo- en universiteitsstudenten worden er anno 2026 echter nog niet in meegenomen. Dit terwijl studenten die op een van deze twee leerwegen zitten wel degelijk aangeven geïnteresseerd te zijn in dit soort lessen.
Dit blijkt nadat Ey! Daily in Tilburg de straat op ging om met studenten het gesprek aan te gaan over de manier waarop zij omgaan met geld en of lessen en cursussen die helpen met budgetteren en andere geldzaken handig zijn voor hun financiële leven. Van alle jongeren die Ey! Daily sprak, blijkt een groot deel hier wel degelijk baat bij te hebben. Sterker nog, sommigen gaven aan het bijzonder te vinden dat de lessen niet worden aangeboden aan hbo- en universiteitsstudenten:
Hbo- en universiteitsstudenten worden niet volledig uitgesloten
Jelle Strikwerde, persvoorlichter bij de Week van het Geld, geeft toe dat jongeren die op het hbo en de universiteit zitten momenteel niet worden meegenomen in de Week van het Geld. Strikwerde geeft niet concreet aan of hbo- en universiteitsstudenten in de toekomst ook worden meegenomen in de Week van het Geld: “We zijn aan het kijken of we in de toekomst kunnen uitbreiden naar deze doelgroep.” Hier voegt hij aan toe dat zij het zeker niet uitsluiten. Sterker nog, er wordt doorverwezen naar de website Wijzer in Geldzaken. Hier kunnen volgens Strikwerde hbo- en universiteitsstudenten het hele jaar door terecht voor vragen die te maken hebben met geld.
Jong geleerd, oud gedaan
Financieel expert Mischa Aarts juicht een initiatief zoals de Week van het Geld erg toe. Dit omdat het volgens haar van jongs af aan al goed is dat jongeren leren omgaan met hun eigen portemonnee en financiën. Aarts benoemt ook dat een Week van het Geld voor studenten op het hbo en de universiteit van waarde kan zijn. “De vragen die hbo- en wo-studenten hebben, zijn net weer even anders dan de vragen die mbo- of basisscholieren hebben.” Deze vragen hebben volgens Aarts vooral te maken met zaken zoals sparen, beleggen en hoe er bijvoorbeeld een huis kan worden gekocht. Omdat dit op een ander vlak ligt, zou het goed zijn voor studenten op deze opleidingsniveaus om juist op latere leeftijd scholing te krijgen.
Jongvolwassenen ervaren vaak geldstress
Aarts noemt meerdere onderzoeken, waaronder die van het Nibud, waaruit blijkt dat jongvolwassenen tussen de 18 en 34 jaar aangeven financieel kwetsbaar te zijn. Dit leidt tot een ongezondere levensstijl, omdat sommige mensen die dit ervaren meer of harder gaan werken of zich afsluiten van anderen.
Tel daarbij op dat mensen het lastig vinden om over geldzaken te praten, en het resulteert in een samenleving waarin praten over geld als een taboe wordt gezien en waarin financiële problemen vaak onder de radar blijven. “Iemand opzoeken die je kunt vertrouwen en met wie je je financiële zaken kunt delen” is volgens Aarts belangrijk, omdat het helpt om lastige situaties te bespreken en samen tot oplossingen te komen.
Ey! Daily: de podcast
Ook dit blok zijn we er weer met Ey! Daily: de podcast! In deze uitzending van 27 maart hoor je het laatste nieuws, onze verslaggever Sen van der Klugt bij het Eindhoven Game Festival, Jess over het kreeftendiner en nog veel meer!
De volgende uitzending is op vrijdag 10 april en die vind je gewoon hier op onze website!
Wie lost het spitsenprobleem van Oranje op?
Het verhaal bij het Nederlands elftal is inmiddels duidelijk: de verdediging en het middenveld zijn van wereldniveau, met spelers die zich wekelijks bewijzen in de Premier League. Maar zodra je naar de aanval kijkt, beginnen de problemen. Vooral de spitspositie is al jaren een zorgenkind en blijft het grootste pijnpunt van Oranje.
De afgelopen jaren was Memphis Depay de vaste man in de punt van de aanval. Niet zonder succes: hij groeide uit tot topscorer aller tijden van het Nederlands elftal. Toch was zijn rol op de laatste eindtoernooien beperkt, en inmiddels speelt hij in Brazilië. De roep om een nieuwe, frisse spits klinkt daardoor steeds luider. Zeker nu Memphis deze interlandperiode ontbreekt vanwege een blessure, lijkt de weg open te liggen voor een nieuwe naam om zich te bewijzen in de punt van Oranje. Maar wie blijven er dan over? Brian Brobbey en Donyell Malen doen het bij hun club goed en zouden zomaar kunnen verrassen in de spits. Wout Weghorst is er ook nog, al lijkt hij vooral bestemd voor de rol van pinchitter: belangrijk in de slotfase, maar geen vaste eerste keuze. Daarnaast is er nog Emmanuel Emegha, die deze zomer een transfer naar Chelsea FC maakt. Hij kampt momenteel met een blessure, maar kan richting het eindtoernooi alsnog een serieuze optie worden. Eén ding is zeker: de vraag blijft boven het Nederlands elftal hangen, wie wordt dé spits?
Fotoreportage: expositie van Rianne Withoos en Rineke Nijssen
In Gemert is bij Kunst op Locatie momenteel een expositie te zien van de kunstenaars Rianne Withoos en Rineke Nijssen. De tentoonstelling omvat glazen en bronzen kunstbeelden, evenals schilderijen met kleuren, vlakken, lijnenspel en dansende bewegingen. De expositie is nog tot en met 24 april 2026 te bezichtigen.













