Enkele dagen na afloop van de Olympische Winterspelen is het tijd om de definitieve balans op te maken. Nederland kende – mede door geboekte successen vanuit de nieuwe generatie – een uiterst succesvolle editie. Wat heet, ons land mocht tien keer zegevieren en eindigde daarmee op een historische derde plek in het medailleklassement. Hoe kwam dat medaillesucces tot stand en welke verhalen schuilen achter die prestaties? Een terugblik op twee weken Milaan & Cortina, waar jeugdig Oranjegeweld de dienst uitmaakte.
Het aansteken van de Olympische vlam in Milaan luidde op 8 februari traditiegetrouw de start van het grootschalige sportevenement in. Vanuit Nederland reisden dit jaar 38 gekwalificeerde afgevaardigden richting de noord-Italiaanse fashionstad, om daarginds de Oranjetrots te vertegenwoordigen. 16 dagen lang laten zien wat je waard bent, op het meest prestigieuze sportpodium ter wereld.
Uiteindelijk bleken de Spelen uiterst vruchtbaar voor TeamNl. Dat is niet alleen op het conto te schrijven van veteranen Jorrit Bergsma (37), Kjeld Nuis (36) en Itzhak de Laat (31). Kijkend naar alle medaillewinnaars, zijn er 8 individuele Olympiërs die goud wonnen en tegelijkertijd 25 jaar of jonger zijn. Dat is een stijging ten opzichte van de vorige Winterspelen. Toen keerden ‘slechts’ 5 van die talenten huiswaarts met een gouden plak. Wie zijn enkele van onze generatiegenoten, en nog belangrijker: welke reis legden zij – in hun nog prille carrière – al af richting dit ultieme sportsucces?
Friese snelheidsduivel
Voorafgaand aan de Spelen stond de naam van Femke Kok bij vrijwel alle schaatskenners hoog op de potentiële winlijstjes. Als sprintspecialiste onderlegt de 25-jarige Friezin cijfers waar menig schaatser van droomt: Kok won in aanloop naar de Spelen al 23 wereldbekers en werd tevens 3 keer wereldkampioen. Alhoewel Kok op meerdere afstanden uitstekend uit de voeten kan, heeft ze van de 500 meter de laatste jaren haar ultieme prooi gemaakt. Minder dan goud zou “zeker een teleurstelling zijn”, sprak ze enkele dagen voor aanvang van die wedstrijd nog uit tegenover het Algemeen Dagblad.
Ondanks die torenhoge verwachtingen, kende Kok een uitstekend Olympisch debuut. Nadat ze op de eerder-gereden 1000 meter concullega Jutta Leerdam nog voor zich moest dulden, liet ze vervolgens op haar ‘eigen afstand’ zien dat de Olympische titel voor haar alleen was. Met verve reed Kok op de 500 meter naar een Olympisch baanrecord, waarna Friese nuchterheid in een moment van schaarsheid toch even plaatsmaakte voor pure emotie. ‘’Je werkt er zo hard voor en wil het zo graag. Nu is het eindelijk gelukt’’, aldus een zichtbaar-geroerde Femke Kok.
Mediarel
Toch gaat het, zo daags na afloop van de Spelen, niet alleen over Koks’ prestaties óp de baan. Na haar overwinning op de 500 meter gaf trainer Dennis van der Gun tijdens de huldiging in het TeamNL-huis onbedoeld aanleiding tot een mediarel die zijn weerga niet kende. ‘’Ik denk dat ik namens heel Nederland spreek: we zijn ongelooflijk trots op wat je hebt bereikt!’’, sprak hij zowel Kok zelf als een uitzinnige Oranjezaal enthousiast toe. ‘’Je hebt al 23 wereldbekers gewonnen, drie wereldtitels op rij, en nu dus de Olympische titel. Eén ding heeft ze nog niet: een leuke vriend.”
Die woorden bleken het startschot van een online-véte richting Van der Gun. Termen als ‘zwaar respectloos’, ‘oerconservatief’ en ‘seksistisch’ passeerden op allerlei sociale mediakanalen de revue. Kok voelde zich genoodzaakt om via haar officiële Instagram-account te reageren op het incident en vindt het naar eigen zeggen ‘’jammer om iets te zeggen over een situatie die compleet uit z’n verband is getrokken. Dennis heeft een gigantisch aandeel in mijn gouden medaille en als er iemand is bij wie ik mij compleet op mijn gemak voel als vrouw, is dat wel bij hem”, verzekerde ze.
Van berentemmer naar Olympisch goud
Shorttracker Jens van ’t Wout groeide op aan de andere kant van de Atlantische Oceaan. Op 2-jarige leeftijd verhuist het gezin, inclusief oudere shorttrackbroer Melle, naar het Canadese stadje Bracebridge. Daar vind de familie, gelegen in een plaatsje zo’n 200 kilometer boven Toronto, te midden van rustieke bossen eindelijk de kalmte die hen in het Gooise Laren niet wordt geboden. ‘’Mijn ouders wilden het land ontvluchten, meer van de wereld zien’’, aldus Van ’t Wout tegenover Helden. ‘’Dat er al familie woonde, hielp ook mee in die keuze.’’
Uiteindelijk zou het gezin ruim tien jaar in Canada wonen, waarna wordt besloten om toch weer terug te keren naar de heimat. Dat decennium in aan de andere kant van de wereld brengt de jonge Van ’t Wout vele inzichten. Hoe om te gaan met wilde beren in de achtertuin, bijvoorbeeld. Maar ook dat broer Melle en hij talent hebben voor sporten op het ijs. Als de dan al jarenlang-ijshockeyende broers terugkeren naar Nederland en ze vanwege blessureleed besluiten om iets anders te proberen, ontdekken ze de shorttrackbaan. Een nieuwe liefde is geboren.
In de jaren die volgen, rijgt Jens van ’t Wout eerst de jeugd- en later volwaardige kampioenschappen aaneen. Achtereenvolgens op nationaal, Europees, wereld- en uiteindelijk Olympisch niveau, staat zijn naam meer dan eens bovenaan de klassementen.
Scarface
Toch scheelt het na een ernstig ongeluk op de baan in 2019 slechts luttele centimeters, of Van ’t Wout verschijnt überhaupt niet aan de start in Milaan. Tijdens een wedstrijd in Thialf krijgt hij na een valpartij de schaats van Israëliër Vladislav tegen z’n gezicht. De schade? Een tweetal verbrijzelde tanden, zichtbaar litteken op de wang en een volmondige ijshal die de adem inhoudt.
Uiteindelijk blijkt het gouden motivatie. Van ’t Wout revalideert maanden, komt sterker terug dan ooit en is – vers omgedoopt tot ‘scarface’ – tot op het bot gebrand om Olympische successen te boeken. Die successen volgen in Milaan. Daar wint hij drie keer goud en één keer brons. Alleen Noorse langlaufer Johannes Klaebo kent individueel een beter toernooi. Die bronzen plak is, ondanks de lagere klassering op het podium, de meest speciale van allemaal. Dat heeft dan weer alles te maken met degene die die wedstrijd tweede wordt – zijn broer Melle. Zo beleven beide schaatsbroers een memorabel Olympisch Wintertoernooi en ziet de toekomst er rooskleurig uit voor het Nederlandse shorttrack.
Andere prestaties
Iemand van diezelfde shorttrackgeneratie is Xandra Velzeboer. De 24-jarige Culemborgse is – ondanks haar jonge leeftijd – de enige uit dit rijtje die afreisde naar Italië met Olympisch eremetaal op zak. De vorige Spelen in Peking behaalde zij een gouden medaille tijdens de relay. Daarmee weet Velzeboer hoe het is om op het allerhoogste niveau te presteren.
Ook deze Spelen bleek een vruchtbare oogst voor de hoogst-geklasseerde Nederlandse shorttracker van allemaal. Velzeboer sleepte twee gouden en één bronzen plak in de wacht. Toch verlaat zij het Olympisch Dorp met gemengde gevoelens. Zowel de individuele afstand van 1500 meter als het teamonderdeel van de relay kende met valpartijen een abrupt einde. “Het is echt een enorme teleurstelling. We zaten op een goede plek in de race en dan gebeurt dit, dat is gewoon pech”, vertelde de shorttrackster teleurgesteld na afloop van de halve finale relay tegen Eurosport.
Over doelen voor de nog volgende Olympische toernooien, hoeft ze niet lang na te denken. Ook zij heeft gekeken naar het mannelijke shorttrack, waar beide ‘Van ’t Woutjes’ een podiumplek bemachtigden: ‘’het is ook voor ons een doel om samen op het podium te staan’’, vertelt Michelle in gesprek met Eva Jinek. ‘’Maar dan wel met een mooie strijd. Dat zou ik heel vet vinden.’’ Voor zusje Michelle zou dat een eerste Olympische medaille betekenen. De 22-jarige maakte haar debuut in Milaan, maar kon met valpartijen op meerdere onderdelen allerminst potten breken.
Tevens maakt Jenning de Boo prominent onderdeel uit van de nieuwe generatie Olympiërs. De geboren en getogen Groninger is pas 22, maar nu al eigenaar van twee zilveren medailles. Als langebaanschaatser nam hij het afgelopen wintereditie zowel deel aan de 500 en 1000 meter schaatsen. Daarbij stuitte hij op Amerikaanse plaaggeest Jordan Stolz, die voor de neus van De Boo tweemaal met goud aan de haal ging. Verrassend is dat niet te noemen. Het fenomeen uit Wisconsin is op beide afstanden wereldrecordhouder en vestigde op de afgelopen Spelen zelfs een Olympisch baanrecord op de 500 meter. Verder eindigde Merel Conijn (24) op een tweede plek tijdens het langebaanschaatsen op de 5000 meter voor vrouwen. Teun de Boer (24) won dan weer goud bij de shorttrackrelay voor mannen.